Amerika, het land van de onbegrensde mogelijkheden en rijkdom! Dat is wat we zien als we langs de kust van Massachusetts cruisen. Vooral het schiereiland Cape Cod doet onbedaarlijk welvarend aan. We zien vooral landelijk gelegen villa's op zeer ruim bemeten kavels. Schuttingen zijn niet nodig om de erfafscheiding aan te geven. We zien vooral grote (dure) PC Hooft-trekkers rijden. Een Volvo X60 is klein in deze contreien. Het prijsniveau voor ongeveer alles ligt hoog: campground, supermarkt, fietsverhuur, midgetgolf, parkeertarieven, you name it.
En tegen onze verwachting in is het overal hartstikke druk.
We zoeken, al dan niet noodgedwongen, op het schiereiland Cape Cod elke dag een andere campground. Zo slapen we een nachtje op de rustieke natuurcamping zonder faciliteiten maar mét prachtig (zwem)meer in Nickerson State Park. Op deze "weg-van-alles" plek willen we wel een dag en nacht extra blijven, maar helaas is de camping volgeboekt. En aldus verhuizen we, na eerst een ochtendduik te hebben genomen in dat lieflijke zoetwatermeer, op Tico's 13e verjaardag (13/8) naar private campground Sweet Water Forest in Brewster/Cape Cod.
Terug naar Cape Cod: de omgeving doet ons denken aan Aerdenhout/Bloemdaal maar dan zo groot als Noord- en Zuid-Holland bij elkaar. Het merendeel van de natuur is private property en dus niet toegankelijk voor ons. Het geheel komt op ons (mij) erg aangeharkt over en vooral bestemd voor de happy few. Geen plek waar ik mij thuis voel.
De rit langs de kuststrook richting Boston blijft een soort miljonairslaan. Leuk om te zien, maar ook niet meer dan dat. Ten Noorden van Boston "normaliseert" het wat en krijgen we meer en meer een beeld hoe de (bijna) gewone Amerikaan woont. De huizen worden kleiner, de auto's worden kleiner en de algehele aanblik toont wat rommeliger, wat meer geleefd. Geleefd met een uitgesproken liefde voor hun land, want de stars en stripes wappert uitbundig bij bijna bij elk huis. En als je een echte patriot bent hang je ook rozetten in de kleuren van het land aan de veranda, boven de voordeur en/of onder de ramen. Overal langs de weg zijn de bermen opgesierd met verkiezingsbordjes: "Richardi for sherrrif", "Smith for Governor", Romney/Obama for President.
We strijken neer bij Black Bear Camping in Salisbury, op de grens Massachusetts/New Hampshire. Het campingvolk hier doet denken aan "beren": stevige dames en heren met een meer dan royaal bmi-percentage. Ook heeft iedereen wel één of meerdere tattoo's. En nog steeds zijn de campers, pick-up-up caravans en coach(bus)mobiles, met veelzeggende namen zoals Hurricane of Challenge, indrukwekkend groot.
Vanuit het nabij gelegen Newburyport stappen we op de "commuter train" naar de oudste stad van Amerika (in 1630 gesticht door de puriteinen): Boston! De stad waar de Bostonianen als eersten in opstand kwamen tegen de koloniale overheerser Groot-Brittanie. De stad waar eeuwen geleden de Amerikaanse revolutie begonnen is. De stad waar de onafhankelijkheidsverklaring opgesteld en getekend is, waarna de "Verenigde Staten van Amerika" (13 staten destijds) een feit was.
We nemen de hele dag om de Freedom Trail, die voert langs alle historische highlights, te lopen. De rodenstreep slingert ons kriskras door deze Europees aandoende stad. Aan het eind van de route, einde middag, hebben we het end in de bek. Geen van ons kan nog iets in zich opnemen en allemaal willen we gewoon a.s.a.p. naar "huis". Zo gezegd, zo gedaan.
Helemaal instorten kunnen we trouwens niet: we moeten we namelijk een plek voor de nacht zoeken. Salisbury Beach State Park blijkt vol, maar gelukkig vinden we een plekje op het terrein van Hampton Beach State Park.
Hampton Beach overigens, is het Scheveningen (of Zandvoort) van New Hampshire. Een badplaats met een groot, breed zandstrand. De boulevard, the strip, oogt een beetje plat, een beetje volks, een beetje schreeuwerig, een beetje goedkoop. Maar ach, wij zijn hier alleen maar om te slapen. De volgende ochtend gaan we na het ontwaken direct op pad: dan laten we de zee de zee en gaan we linksaf het binnenland van New Hampshire in richting de bergen, de White Mountains.
Verstuurd vanaf mijn iPad
maandag 20 augustus 2012
zondag 19 augustus 2012
SeaMotions naar Nantucket
Al 10 jaar vertelt onze Amerikaanse vriendin Candace over het eiland waar ze vanaf jongs af aan haar zomers met haar familie doorbrengt. Het eiland van Moby Dick: Nantucket! We worden gastvrij ontvangen door de ouders van Candace. Het is alweer 10 jaar geleden dat we hen voor het laatst (en tegelijktijd eerst) ontmoet hebben.
Haar ouders, mr en mrs Ruddy, hebben in het gelijknamige plaatsje Nantucket een prachtig, antiek en authentiek houten Victoriaans huis aan 28 West Chester Road. Een huis waarvan de geschiedenis ver terug gaat: eind 1700 wordt het huis gebouwd door een walvisvaarder. Het huis wordt voorzien van een voor dit eiland (voor deze streek) kenmerkende "widow's walk", een soort balkon/platform op het dak van het huis. Vanaf dit balkon kan van de vrouw des huizes uitkijken over zee naar de terugkeer van haar zeevarende echtgenoot. Al dan niet tevergeefs ....
Eind 1800 wordt er -geheel in stijl- een stuk aan het huis aangebouwd. Vanaf ca. 1950 huren de Ruddy's het in de zomer en rond 1974 worden ze eigenaar van het schitterende pand.
Alles in en om het huis is in de oorspronkelijke (onderhouden) staat. Veel kleine kamertjes, veel schuin aflopende vloeren, veel deuren die klemmen, lage plafonds, meerdere badkamers met emaille ligbaden op pootjes en ouderwetse kranen, overal loden waterleidingen. En alle kamers zijn in stijl ingericht met (semi-) antieke meubelstukken. Het is alsof we in een museum gaan logeren.
In de gloriedagen van de walvisvaart gaat alles op het eiland voor de wind, maar als aardolie het nut en de noodzaak van de walvisvaart overbodig maakt, vervalt Nantucket is een diepe, economische depressie. Pas in de 20ste eeuw wordt het eiland, met haar aangename zomerklimaat, ontdekt door de rijken uit New York en New England. Tegenwoordig behoren de onroerend goed prijzen op Nantucket tot de hoogste van Massachusetts. Een brochure van een lokale makelaar vertelt ons bijvoorbeeld dat we voor zo'n 59 miljoen knip en klaar vrijstaand kunnen wonen op een ruime kavel met zeezicht...
Terug naar de realiteit: wij hebben 2 heerlijke dagen met Candace en haar familie.
Eerst neemt Candace ons mee naar het strand aan de "ruwe kant", zodat de jongens mogelijk kunnen golfsurfen. Helaas is het weekje surfkamp in Egmond niet voldoende om de Nantucketse golven van zaterdag 11/8 te berijden. Prachtige hoge rollers klappen met veel gebruis op de kust. Ik hoef zelfs het water niet in om wel nat en zout te worden.
We browsen wat door de straatjes met autenthieke, maar naaldhakonvriendelijke, kinderkopjes. De 6 -8 cilinder SUV's en pick-ups hobbelen er met gemak over heen.
's Avonds maken we kennis met het fenomeen yachtclub, The Nantucket Yachtclub. Een club waarbinnen het bol staat van de tradities, rituelen en gedragscodes. Als je lid bent, of beter, mág worden van deze semi-besloten club, dan staat er een scala aan faciliteiten tot je beschikking om het leven te veraangenamen. Denk bijvoorbeeld aan: snelle open zeilbootjes voor jong en oud, tennisbanen (dresscode: wit), restaurant (dresscode: jasje-dasje), nautische kinderclub, een "launch" (sjieke bijboot met geuniformeerd chauffeur) die je naar je zeil- of motorboot aan de mooring brengt en weer ophaalt. Llid zijn van de NYC communiceert naar de buitenwereld een zekere sociale status. Dit alles in ruil voor een flinke zak geld per seizoen.
Enfin, wij hebben er een bijzondere avond met bijzondere mensen, met interessante gesprekken en met overheerlijk eten. En, daarbij vloeit volgens onze vriendschapstraditie de champagne eens rijkelijk (onze jaarlijkse ontmoetingen worden altijd opgeluisterd met champagne).
Zondagochtend begint voor mij met een aspirientje. Daarna gaan we naar het Shipwreck & Lifesaving Museum. Het eiland blijkt omringt met wrakken van schepen die in storm of mist op één van de vele ondieptes rondom het eiland zijn gestrand. Heldhaftige reddingsacties hebben vaak weten te voorkomen dat er mensenlevens verloren zijn gegaan.
Vervolgens sjezen we door naar de yachtclub, halen we take-away lunch bij de "snackbar" en gaan we een paar uur spelevaren met de boot van mr. Ruddy. Het eerste wat Sil uitroept als we met de "launch" de motorboot naderen is: "yeah, een speedboot met 150pk!". Een 2e "yeah" volgt als de opblaastube uit het vooronder wordt gehaald en achter de boot wordt gehangen. En dan gaat het gebeuren, voor het "echie" gesleept worden door een speedboot.. Tico en Sil vinden het na een aanvankelijk aarzelend enthousiasme geweldig spannend en leuk. Om beurten gaan jong en oud, solo en samen, wild stuiterend en slingerend in en over het kielzog van de boot. Hoe laf ook, ik waag me er niet aan. Ik zie het al voor me dat ik ten overstaan van iedereen bij de allereerste wipe-out mijn bikinitop verlies. Daar kunnen die puriteinse Amerikanen helemaal niet tegen.
En dan is het zomaar opeens tijd. Tijd om afscheid te nemen van mr en Mrs. Ruddy, van Candace & Matthew. De ferry van 16.10 uur wacht op ons. Onze rijdende hut, voor $90 geparkeerd (ja, de parkeertarieven voor 48uur parkeren in Hyannis zijn Amerikaans groot), wacht op ons. Een campground in Brewster/Cape Cod wacht op ons.
Verstuurd vanaf mijn iPad
Haar ouders, mr en mrs Ruddy, hebben in het gelijknamige plaatsje Nantucket een prachtig, antiek en authentiek houten Victoriaans huis aan 28 West Chester Road. Een huis waarvan de geschiedenis ver terug gaat: eind 1700 wordt het huis gebouwd door een walvisvaarder. Het huis wordt voorzien van een voor dit eiland (voor deze streek) kenmerkende "widow's walk", een soort balkon/platform op het dak van het huis. Vanaf dit balkon kan van de vrouw des huizes uitkijken over zee naar de terugkeer van haar zeevarende echtgenoot. Al dan niet tevergeefs ....
Eind 1800 wordt er -geheel in stijl- een stuk aan het huis aangebouwd. Vanaf ca. 1950 huren de Ruddy's het in de zomer en rond 1974 worden ze eigenaar van het schitterende pand.
Alles in en om het huis is in de oorspronkelijke (onderhouden) staat. Veel kleine kamertjes, veel schuin aflopende vloeren, veel deuren die klemmen, lage plafonds, meerdere badkamers met emaille ligbaden op pootjes en ouderwetse kranen, overal loden waterleidingen. En alle kamers zijn in stijl ingericht met (semi-) antieke meubelstukken. Het is alsof we in een museum gaan logeren.
In de gloriedagen van de walvisvaart gaat alles op het eiland voor de wind, maar als aardolie het nut en de noodzaak van de walvisvaart overbodig maakt, vervalt Nantucket is een diepe, economische depressie. Pas in de 20ste eeuw wordt het eiland, met haar aangename zomerklimaat, ontdekt door de rijken uit New York en New England. Tegenwoordig behoren de onroerend goed prijzen op Nantucket tot de hoogste van Massachusetts. Een brochure van een lokale makelaar vertelt ons bijvoorbeeld dat we voor zo'n 59 miljoen knip en klaar vrijstaand kunnen wonen op een ruime kavel met zeezicht...
Terug naar de realiteit: wij hebben 2 heerlijke dagen met Candace en haar familie.
Eerst neemt Candace ons mee naar het strand aan de "ruwe kant", zodat de jongens mogelijk kunnen golfsurfen. Helaas is het weekje surfkamp in Egmond niet voldoende om de Nantucketse golven van zaterdag 11/8 te berijden. Prachtige hoge rollers klappen met veel gebruis op de kust. Ik hoef zelfs het water niet in om wel nat en zout te worden.
We browsen wat door de straatjes met autenthieke, maar naaldhakonvriendelijke, kinderkopjes. De 6 -8 cilinder SUV's en pick-ups hobbelen er met gemak over heen.
's Avonds maken we kennis met het fenomeen yachtclub, The Nantucket Yachtclub. Een club waarbinnen het bol staat van de tradities, rituelen en gedragscodes. Als je lid bent, of beter, mág worden van deze semi-besloten club, dan staat er een scala aan faciliteiten tot je beschikking om het leven te veraangenamen. Denk bijvoorbeeld aan: snelle open zeilbootjes voor jong en oud, tennisbanen (dresscode: wit), restaurant (dresscode: jasje-dasje), nautische kinderclub, een "launch" (sjieke bijboot met geuniformeerd chauffeur) die je naar je zeil- of motorboot aan de mooring brengt en weer ophaalt. Llid zijn van de NYC communiceert naar de buitenwereld een zekere sociale status. Dit alles in ruil voor een flinke zak geld per seizoen.
Enfin, wij hebben er een bijzondere avond met bijzondere mensen, met interessante gesprekken en met overheerlijk eten. En, daarbij vloeit volgens onze vriendschapstraditie de champagne eens rijkelijk (onze jaarlijkse ontmoetingen worden altijd opgeluisterd met champagne).
Zondagochtend begint voor mij met een aspirientje. Daarna gaan we naar het Shipwreck & Lifesaving Museum. Het eiland blijkt omringt met wrakken van schepen die in storm of mist op één van de vele ondieptes rondom het eiland zijn gestrand. Heldhaftige reddingsacties hebben vaak weten te voorkomen dat er mensenlevens verloren zijn gegaan.
Vervolgens sjezen we door naar de yachtclub, halen we take-away lunch bij de "snackbar" en gaan we een paar uur spelevaren met de boot van mr. Ruddy. Het eerste wat Sil uitroept als we met de "launch" de motorboot naderen is: "yeah, een speedboot met 150pk!". Een 2e "yeah" volgt als de opblaastube uit het vooronder wordt gehaald en achter de boot wordt gehangen. En dan gaat het gebeuren, voor het "echie" gesleept worden door een speedboot.. Tico en Sil vinden het na een aanvankelijk aarzelend enthousiasme geweldig spannend en leuk. Om beurten gaan jong en oud, solo en samen, wild stuiterend en slingerend in en over het kielzog van de boot. Hoe laf ook, ik waag me er niet aan. Ik zie het al voor me dat ik ten overstaan van iedereen bij de allereerste wipe-out mijn bikinitop verlies. Daar kunnen die puriteinse Amerikanen helemaal niet tegen.
En dan is het zomaar opeens tijd. Tijd om afscheid te nemen van mr en Mrs. Ruddy, van Candace & Matthew. De ferry van 16.10 uur wacht op ons. Onze rijdende hut, voor $90 geparkeerd (ja, de parkeertarieven voor 48uur parkeren in Hyannis zijn Amerikaans groot), wacht op ons. Een campground in Brewster/Cape Cod wacht op ons.
Verstuurd vanaf mijn iPad
vrijdag 17 augustus 2012
SeaMotions gaat camperen!
Na dynamische dagen in een dynamisch NewYork start een volgend dynamisch avontuur: we "schepen in" in een 30ft camper! En verplaatsen we ons de komende tijd op vier wielen "on the road".
Op donderdag 9/8 melden we ons om 11.00 uur bij de Cruise America RV Rental & Dealer in Branchburg (New York). Na het nodige papierwerk worden we in een klein, warm kamertje achter een instructievideo gezet. Daarna wordt onze camper, een rijdende hut ter grootte van een vrachtwagen, voorgereden. WOW, 30ft is best erg groot ... Na nog een korte persoonlijke overdracht slaan we aan het uitpakken van onze bagage en het inrichten van ons tijdelijke mobiele huis.
Vervolgens gaan we op pad om 1. benzine te tanken, 2. boodschappen te doen en 3. richting het 190 mijl verderop gelegen Mystic te rijden. Geen misselijk programma kan ik je vertellen. Enerzijds omdat het best even wennen is om in zo'n grote RV te rijden en te manoeuvreren (in Nederland heb je voor dit formaat wagen een groot rijbewijs nodig). Anderzijds omdat we een behoorlijk deel van de route richting Mystic langzaam rijdend tot stilstaand verkeer hebben. Jawel, in dat grote Amerika zijn grote files!! En dat ook nog eens op tolwegen-/bruggen, waarvoor grote bedragen gevraagd worden (bijv in één keer $ 26 neertellen om de George Washingtonbrug -over de Hudson Rivier- over te mogen rijden).
Rond 19.00 uur arriveren we bij de KOA Campground North Stonington (Connecticut). De jongens duiken direct in het zwembad en wij verdiepen ons in de "hook up"-handelingen (stroom/water/afvoer). Pfff, wat een dag hard werken.
We hebben een snaarstrak programma en rijden dientengevolge op vrijdag door richting Hyannis (Massachusetts). In Newport (Rhode Island), het zeilersmekka van deze streek, maken we een stop en bewonderen we een aantal super(motor)jachten en 2 Gunboats (supersnelle, superstrakke catamaran). Daarna rijden we naar het startpunt van de "Cliff Walk" om Amerikaans welvaren te aanschouwen. Langs de zuidkust van Rhode Island staan namelijk de meest indrukwekkende villa's, waarvan ook een aantal van binnen te bezichtigen is. En wij willen weleens eens zien in wat voor vakantiehuisjes de rijkste Amerikanen hun zomervakantie spenderen.
The Breakers Mansion is het grootste vakantiehuisje: een 70 kamers tellend paleis, gebouwd in 1895 door de kleinzoon van scheeps- en spoorwegmagnaat Cornelis Vanderbilt. Via een informatieve audiotour horen we over de marmeren mozaïeken in de biljartkamer, het bladgoud in muziekkamer, de titaniumpanelen in de zilveren kamer. Over de geheime gangetjes tussen alle kamers voor het personeel, zodat zij zo goed als onzichtbaar bleven voor de familie en over de dagelijkse verkleedpartijen voor alle programma-onderdelen van een gemiddelde dag van de kinderen Vanderbilt (voor het ontbijt, voor het musiceren, voor het zwemmen, voor de lunch, voor de verplichte middagdut, voor het tennissen, voor het zeilen, voor het paardrijden, voor het diner (het diner overigens apart van de ouders; pas na je 16e mocht je bij hen aanschuiven). Ze waren er maar druk mee.
Dat is Amerika op z'n rijkst. The Breakers is met recht een paleis. Het geheel is -best heel smaakvol- ongelofelijk overdadig en over the top: het glimt, het schittert, het sprankelt, het flonkert, het straalt, het blinkt, het glanst. Alles het beste van het best, het mooiste van het mooist, het grootste van het grootst, het duurste van het duurst. Geld speelt geen rol.
Als we na ruim 2 uur de overweldigende villa uitrollen, begint het te regenen. Als we net in onze hut zijn, breekt de hemel helemaal open en valt de regen met bakken naar beneden. En weet je, ook de Amerikaanse regendruppels zijn groter dan in Nederland. En, als het in de zomer in dit gebied regent, krijg je de donder en bliksem er gratis bij. Geparkeerd naast The Breakers en met uitzicht op de oceaan, zitten we het noodweer uit. Geen straf trouwens met een maaltje zelfgemaakte spaghetti bolognese op tafel (met een beetje hulp uit een potje).
Het is inmiddels 5 uur en we hebben nog zo'n 60 mijl te gaan richting de omgeving Hyannis. Voor het donker wordt (rond 8 uur), willen we een plek voor de nacht gevonden hebben. Uiteindelijk belanden we na wat omwegen, straatje keren en U-turns maken om half 8 -voor ons gevoel in the middle of nowhwere- in East Warham bij Jellystone Campground. Op deze natuurcamping porren Coos en de jongens -in de motregen- hun eerste vuur op. En even later vallen we in slaap bij het meditatieve geluid van druppels op het dak van onze hut.
Op zaterdag is het vroeg dag. Om 06.45 uur hobbelen het bos uit en rijden we de snelweg op naar Hyannis (Massachusetts). Vanuit Hyannis vertrekt om 09.20 onze ferry naar Nantucket. Het weekend zijn wij namelijk te gast bij de Ruddy Family, de ouders van Candace.
Verstuurd vanaf mijn iPad
Op donderdag 9/8 melden we ons om 11.00 uur bij de Cruise America RV Rental & Dealer in Branchburg (New York). Na het nodige papierwerk worden we in een klein, warm kamertje achter een instructievideo gezet. Daarna wordt onze camper, een rijdende hut ter grootte van een vrachtwagen, voorgereden. WOW, 30ft is best erg groot ... Na nog een korte persoonlijke overdracht slaan we aan het uitpakken van onze bagage en het inrichten van ons tijdelijke mobiele huis.
Vervolgens gaan we op pad om 1. benzine te tanken, 2. boodschappen te doen en 3. richting het 190 mijl verderop gelegen Mystic te rijden. Geen misselijk programma kan ik je vertellen. Enerzijds omdat het best even wennen is om in zo'n grote RV te rijden en te manoeuvreren (in Nederland heb je voor dit formaat wagen een groot rijbewijs nodig). Anderzijds omdat we een behoorlijk deel van de route richting Mystic langzaam rijdend tot stilstaand verkeer hebben. Jawel, in dat grote Amerika zijn grote files!! En dat ook nog eens op tolwegen-/bruggen, waarvoor grote bedragen gevraagd worden (bijv in één keer $ 26 neertellen om de George Washingtonbrug -over de Hudson Rivier- over te mogen rijden).
Rond 19.00 uur arriveren we bij de KOA Campground North Stonington (Connecticut). De jongens duiken direct in het zwembad en wij verdiepen ons in de "hook up"-handelingen (stroom/water/afvoer). Pfff, wat een dag hard werken.
We hebben een snaarstrak programma en rijden dientengevolge op vrijdag door richting Hyannis (Massachusetts). In Newport (Rhode Island), het zeilersmekka van deze streek, maken we een stop en bewonderen we een aantal super(motor)jachten en 2 Gunboats (supersnelle, superstrakke catamaran). Daarna rijden we naar het startpunt van de "Cliff Walk" om Amerikaans welvaren te aanschouwen. Langs de zuidkust van Rhode Island staan namelijk de meest indrukwekkende villa's, waarvan ook een aantal van binnen te bezichtigen is. En wij willen weleens eens zien in wat voor vakantiehuisjes de rijkste Amerikanen hun zomervakantie spenderen.
The Breakers Mansion is het grootste vakantiehuisje: een 70 kamers tellend paleis, gebouwd in 1895 door de kleinzoon van scheeps- en spoorwegmagnaat Cornelis Vanderbilt. Via een informatieve audiotour horen we over de marmeren mozaïeken in de biljartkamer, het bladgoud in muziekkamer, de titaniumpanelen in de zilveren kamer. Over de geheime gangetjes tussen alle kamers voor het personeel, zodat zij zo goed als onzichtbaar bleven voor de familie en over de dagelijkse verkleedpartijen voor alle programma-onderdelen van een gemiddelde dag van de kinderen Vanderbilt (voor het ontbijt, voor het musiceren, voor het zwemmen, voor de lunch, voor de verplichte middagdut, voor het tennissen, voor het zeilen, voor het paardrijden, voor het diner (het diner overigens apart van de ouders; pas na je 16e mocht je bij hen aanschuiven). Ze waren er maar druk mee.
Dat is Amerika op z'n rijkst. The Breakers is met recht een paleis. Het geheel is -best heel smaakvol- ongelofelijk overdadig en over the top: het glimt, het schittert, het sprankelt, het flonkert, het straalt, het blinkt, het glanst. Alles het beste van het best, het mooiste van het mooist, het grootste van het grootst, het duurste van het duurst. Geld speelt geen rol.
Als we na ruim 2 uur de overweldigende villa uitrollen, begint het te regenen. Als we net in onze hut zijn, breekt de hemel helemaal open en valt de regen met bakken naar beneden. En weet je, ook de Amerikaanse regendruppels zijn groter dan in Nederland. En, als het in de zomer in dit gebied regent, krijg je de donder en bliksem er gratis bij. Geparkeerd naast The Breakers en met uitzicht op de oceaan, zitten we het noodweer uit. Geen straf trouwens met een maaltje zelfgemaakte spaghetti bolognese op tafel (met een beetje hulp uit een potje).
Het is inmiddels 5 uur en we hebben nog zo'n 60 mijl te gaan richting de omgeving Hyannis. Voor het donker wordt (rond 8 uur), willen we een plek voor de nacht gevonden hebben. Uiteindelijk belanden we na wat omwegen, straatje keren en U-turns maken om half 8 -voor ons gevoel in the middle of nowhwere- in East Warham bij Jellystone Campground. Op deze natuurcamping porren Coos en de jongens -in de motregen- hun eerste vuur op. En even later vallen we in slaap bij het meditatieve geluid van druppels op het dak van onze hut.
Op zaterdag is het vroeg dag. Om 06.45 uur hobbelen het bos uit en rijden we de snelweg op naar Hyannis (Massachusetts). Vanuit Hyannis vertrekt om 09.20 onze ferry naar Nantucket. Het weekend zijn wij namelijk te gast bij de Ruddy Family, de ouders van Candace.
Verstuurd vanaf mijn iPad
dinsdag 14 augustus 2012
SeaMotions in New York!
Dinsdag 7 augustus is het zover: SeaMotions goes USA. Een soepele treinreis brengt ons naar Schiphol en een soepele vliegreis brengt ons naar NewYork. Nadat de USA-customs een foto en vingerafdrukken hebben genomen, mogen we het land van de onbegrensde mogelijkheden binnentreden.
Een taxi brengt ons naar ons hotel met de toepasselijke naam The NewYorker, zeer centraal in Midtown / Manhattan gelegen op de hoek 8 Avenue/34 East Street. Onze hotelkamer bevindt zich op de 32ste verdieping en heeft schitterend uitzicht op het Empire State Building. Althans, als we ons een weg naar het raam óver de koffers en langs de queensize bedden heen weten te werken. De familiekamer is niet zo heel groot...
NewYork verdient met verve de titel "the city that never sleeps". Het is er nooit en nergens stil. Ook niet in de hotelkamer op de 32ste verdieping. 24/7 is er overal het lawaai van straatwerkers, optrekkend verkeer, gillende sirenes, brommende airco's, tikkende waterleidingen, piepende douchekranen en nog veel meer.
De 1e avond hebben we een supergezellig, quick dinner met (schoon)familie Genee-Keijser; zij doen ook een paar weken USA en het is wel héél bijzonder dat we ons op dezelfde dagen in hetzelfde land, in dezelfde stad en in hetzelfde hotel bevinden.
De 2e dag browsen we met het gezin door NY met als globaal doel Rockefeller Centre en Central Park. Al wandelend halen we ons ontbijt en lunch bij stalletjes op straat. Om halverwege de dag wat af te koelen (het is zo'n 27 graden), lassen we een bezoekje aan de Public Library in.
Een prachtig openbaar gebouw met bij de entree 2 leeuwen genaamd Patience (geduld) en Fortitude (standvastigheid). In deze bieb staan zo'n 6 miljoen boeken en 17 miljoen documenten. En niet één boek of document kan worden geleend. In indrukwekkende leeszalen is wel een heel groot aantal boeken in te zien, bijvoorbeeld per land de biografie van achternamen. De naam Keijser komt vanaf eind 1500 alleen als Keyser terug. Natuurlijk worden wij getriggerd door de geschiedenis van een zekere Pieter Keyser. Deze Pieter maakte als "opperste piloot" een zeereis naar "de onbevaren zee" richting Java. Helaas moest hij zich ter hoogte van Madagascar als gevolg van muiterij onder de bemanning terugtrekken. Pieter deed tijdens deze reis op het zuidelijk halfrond meer dan 300 waarnemingen omtrent de sterren en vormde hen tot nieuwe sterrenbeelden. Deze Pieter was niet de enige Keyser; andere Keysers in deze tijd waren vooral actief als ambachtsmannen op het gebied van beeldhouwen/steenhouwen. De namen Nierop, Stoop, Woestenburg, Leegwater hebben we niet terug kunnen vinden in de verschillende edities.
Maar als we Patience en Fortitude hadden getoond was het wellicht een succesvoller zoektocht geworden.
We vervolgen onze weg naar Rockefeller Centre om "on top of the Rock" te gaan. Ogen dicht als we de toegangsbewijzen kopen (my god, ze weten wel prijzen te vragen) en een half uur later zoeven we supersnel naar de 69ste verdieping. Ondanks het feit dat het zicht wat heiig is, vinden we het uitzicht overweldigend. Alle wolkenkrabbers zien er vanaf deze hoogte uit als goed gesculptuurde zandkastelen. De Hudson Rivier meandert langs de rand van het supercentrum en heel in de verte ontwaren we het Vrijheidsbeeld. Central Park ligt als een groen vlekje tussen al dit steen, beton, asfalt en water in.
Central Park is ons volgende doel en heel specifiek fietsen in Central Park. In de praktijk blijkt het fietsen vooral leuker te klinken dan te doen. De fietsen zijn (uit veiligheidsvoorschrift?) formaat kinderfiets (zodat je lekker makkelijk met je voeten bij de grond kunt?). En, als zuunige Hollander kan ik het niet nalaten te vermelden, hiervoor betaal je -voor een uurtje fietsen!- een hoofdprijs ($15 per uur, per fiets). Enfin, de jongens vinden het geweldig.
Met de taxi (veeeel goedkoper dan uurtje fietsen) laten we ons terug naar het hotel rijden. We passeren nog even Times Square en Broadway. Tico en Sil hangen met open mond met het hoofd uit het raam: wauw, ál die flikkerende, schreeuwende flatscreens op ál die gevels.
We leven onze dag New York op z'n New Yorks: in een moordend tempo! Terug in het hotel hebben we namelijk welgeteld 30 minuten om ons op te frissen en klaar te maken voor onze volgende dinnerdate: eten met Candace. We hebben in maart 2011 op Bonaire afscheid van elkaar genomen en ontmoeten elkaar in augustus 2012 weer in jazzclub/restaurant The Blue Smoke voor een hapje onvervalst Amerikaans BBQ-eten. Zo leuk, zo gezellig, zo vertrouwd!
En dan zit New York er weer op voor ons: op donderdag 9 augustus worden we om 09.00 uur door een taxi opgehaald en worden we naar de camperverhuurder in Branchburg gebracht. We gaan beginnen aan een volgend avontuur.
Verstuurd vanaf mijn iPad
Een taxi brengt ons naar ons hotel met de toepasselijke naam The NewYorker, zeer centraal in Midtown / Manhattan gelegen op de hoek 8 Avenue/34 East Street. Onze hotelkamer bevindt zich op de 32ste verdieping en heeft schitterend uitzicht op het Empire State Building. Althans, als we ons een weg naar het raam óver de koffers en langs de queensize bedden heen weten te werken. De familiekamer is niet zo heel groot...
NewYork verdient met verve de titel "the city that never sleeps". Het is er nooit en nergens stil. Ook niet in de hotelkamer op de 32ste verdieping. 24/7 is er overal het lawaai van straatwerkers, optrekkend verkeer, gillende sirenes, brommende airco's, tikkende waterleidingen, piepende douchekranen en nog veel meer.
De 1e avond hebben we een supergezellig, quick dinner met (schoon)familie Genee-Keijser; zij doen ook een paar weken USA en het is wel héél bijzonder dat we ons op dezelfde dagen in hetzelfde land, in dezelfde stad en in hetzelfde hotel bevinden.
De 2e dag browsen we met het gezin door NY met als globaal doel Rockefeller Centre en Central Park. Al wandelend halen we ons ontbijt en lunch bij stalletjes op straat. Om halverwege de dag wat af te koelen (het is zo'n 27 graden), lassen we een bezoekje aan de Public Library in.
Een prachtig openbaar gebouw met bij de entree 2 leeuwen genaamd Patience (geduld) en Fortitude (standvastigheid). In deze bieb staan zo'n 6 miljoen boeken en 17 miljoen documenten. En niet één boek of document kan worden geleend. In indrukwekkende leeszalen is wel een heel groot aantal boeken in te zien, bijvoorbeeld per land de biografie van achternamen. De naam Keijser komt vanaf eind 1500 alleen als Keyser terug. Natuurlijk worden wij getriggerd door de geschiedenis van een zekere Pieter Keyser. Deze Pieter maakte als "opperste piloot" een zeereis naar "de onbevaren zee" richting Java. Helaas moest hij zich ter hoogte van Madagascar als gevolg van muiterij onder de bemanning terugtrekken. Pieter deed tijdens deze reis op het zuidelijk halfrond meer dan 300 waarnemingen omtrent de sterren en vormde hen tot nieuwe sterrenbeelden. Deze Pieter was niet de enige Keyser; andere Keysers in deze tijd waren vooral actief als ambachtsmannen op het gebied van beeldhouwen/steenhouwen. De namen Nierop, Stoop, Woestenburg, Leegwater hebben we niet terug kunnen vinden in de verschillende edities.
Maar als we Patience en Fortitude hadden getoond was het wellicht een succesvoller zoektocht geworden.
We vervolgen onze weg naar Rockefeller Centre om "on top of the Rock" te gaan. Ogen dicht als we de toegangsbewijzen kopen (my god, ze weten wel prijzen te vragen) en een half uur later zoeven we supersnel naar de 69ste verdieping. Ondanks het feit dat het zicht wat heiig is, vinden we het uitzicht overweldigend. Alle wolkenkrabbers zien er vanaf deze hoogte uit als goed gesculptuurde zandkastelen. De Hudson Rivier meandert langs de rand van het supercentrum en heel in de verte ontwaren we het Vrijheidsbeeld. Central Park ligt als een groen vlekje tussen al dit steen, beton, asfalt en water in.
Central Park is ons volgende doel en heel specifiek fietsen in Central Park. In de praktijk blijkt het fietsen vooral leuker te klinken dan te doen. De fietsen zijn (uit veiligheidsvoorschrift?) formaat kinderfiets (zodat je lekker makkelijk met je voeten bij de grond kunt?). En, als zuunige Hollander kan ik het niet nalaten te vermelden, hiervoor betaal je -voor een uurtje fietsen!- een hoofdprijs ($15 per uur, per fiets). Enfin, de jongens vinden het geweldig.
Met de taxi (veeeel goedkoper dan uurtje fietsen) laten we ons terug naar het hotel rijden. We passeren nog even Times Square en Broadway. Tico en Sil hangen met open mond met het hoofd uit het raam: wauw, ál die flikkerende, schreeuwende flatscreens op ál die gevels.
We leven onze dag New York op z'n New Yorks: in een moordend tempo! Terug in het hotel hebben we namelijk welgeteld 30 minuten om ons op te frissen en klaar te maken voor onze volgende dinnerdate: eten met Candace. We hebben in maart 2011 op Bonaire afscheid van elkaar genomen en ontmoeten elkaar in augustus 2012 weer in jazzclub/restaurant The Blue Smoke voor een hapje onvervalst Amerikaans BBQ-eten. Zo leuk, zo gezellig, zo vertrouwd!
En dan zit New York er weer op voor ons: op donderdag 9 augustus worden we om 09.00 uur door een taxi opgehaald en worden we naar de camperverhuurder in Branchburg gebracht. We gaan beginnen aan een volgend avontuur.
Verstuurd vanaf mijn iPad
woensdag 8 augustus 2012
Op het Wad en IJsselmeer
De 2e week van de zomervakantie vieren we op de boot.
Voor een vakantie in Nederland is "het weer" een belangrijke factor. Pas na een blik op de lucht en op Buienradar bepaal je óf en wát je gaat doen.
Wij gooien in elk geval op vrijdag de trossen los en zetten koers naar ... OK, dat moeten we dan nog bepalen. Het is qua temperaturen prachtig zomers weer, misschien een beetje benauwd, en er is (helaas) nauwelijks wind. Op het IJsselmeer betekent dit dat de IJsselmeermugjes uit hun larf komen en in grote getale neerstrijken in de kuip. Deze zgn. ééndagszoetwatermugjes leven, zoals het woord al zegt, hoogstens één dag en vaak zelfs maar een paar uur. Hun geplette lijfjes laten vooral viezigheid achter. En zo wordt het voor ons makkelijk besluiten waar we naar toe gaan: weg van het IJsselmeer, op naar het zoute water, op naar Texel.
Na een zonnige zaterdag relaxen op Texel varen we op de volgende zonnige zondag met een rustig windje in de rug buitenom -oftewel over de Noordzee- naar Vlieland. Het is een kadootje, voor elk van ons op z'n eigen manier. De mannen gooien een vislijn uit, of beter, twee vislijnen. Het wordt een bescheiden succesvolle jacht die twee makreeltjes en veel plezie oplevert. Ik geniet van de zon en van het wijdse uitzicht, van de mooie kleur van de lucht die verglijdt in het blauw van het water. Van de ogenschijnlijke optische illusie midden in zee een strook zand te zien, wat geen optische illusie blijkt te zijn maar "gewoon" Noorderhaaks (ook wel bekend als de Razende Bol): een onbewoond eilandje, een hoogwatervluchtplaats voor zeevogels en zeehonden. Van de Texelse kustlijn met haar zandstranden en duinenrijen.
Bij Vlieland varen we voorbij aan de haveningang en gaan we "lekker rustig" voor ander op ons plekje onder de Vuurboetsduin (het duin waar de vuurtoren op staat). Het "lekker rustig" heeft vooral betrekking op het ontvluchten van de enorme drukte in de jachthaven; deze is overbevolkt met gezins(Bavaria)boten en charters. De steigers zijn oranje gekleurd vanwege de enorme hoeveelheid krabbenvangende kids met zwemvest. Maar, dat is dan ook de enige verwijzing naar "lekker rustig", want aan het mooie zomerse weer komt een einde. Er verschijnen dikke, donkere, onheilspellende wolken aan de horizon en de westenwind trekt best behoorlijk aan. Op de ankerplaats wordt het iets hobbeliger. Omdat een aantal boten verderop in iets rustiger water lijkt te liggen, verplaatsen we onze boot voor het slapen gaan een beetje meer die kant op. Helaas, een optische illusie. Die rustig liggende boten zitten middenin het proces van droogvallen; vandaar dat rustiger kabbelende water. Wij plonzen ons anker in de diepere geul naast de plaat en blijven de hele nacht hotsen en klotsen, hobbelen en schommelen. Zeus laat nadrukkelijk van zich horen (donder en bliksem) en de hemel opent zich. De regen valt met bakken tegelijk naar beneden. De wind trekt aan naar een meer dan stevige kracht 6 met vlagen kracht 7. We slapen niet of nauwelijks die nacht.
De volgende dag verdiepen we ons in de technieken van het droogvallen. We tappen kennis af van andere boten en horen zo over de specifieke plussen en minnen van droogvallen op deze plaat. Dichterbij de kant is de ondergrond zachter, blubberiger. Dichterbij de geul is de ondergrond harder door de schelpen. Volgens de kenners verandert de biotoop van deze plaat door de komst van een allochtone bewoner: de Japanse oester. Deze zuivert het water (wat hierdoor helderder wordt), maar verkalkt de plaat. Wie weet ligt hier over tientallen jaren wel een soort van rif.
Vanuit de boot bezien is zachtere ondergrond fijner dan een harde zandkorst. Met name als het gaat om het moment van droog naar drijvend. Vanuit mijzelf gezien geef ik de voorkeur aan zand in plaats van blub: via het zand bespaar ik mezelf rouwranden onder mijn teennagels als ik naar de kant waad.
Die nacht trekt de wind wederom aan en raast donder, bliksem en regen over ons heen, maar de boot ligt een deel van de avond/nacht hoog en droog (dus rustig), danwel dobbert in ondiep water. We slapen als roosjes. Het is jammer dat de wind gaat draaien naar het Zuiden. Hierdoor liggen we naar onze mening aan deze " lage wal" onvoldoende beschut.
Onze volgende bestemming wordt de jachthaven vanTerschelling. Ook deze jachthaven is in het zomerseizoen buitengewoon populair bij zeilend Nederland. In het laatste vak, helemaal buitenop en achteraan, vinden we een prachtplek. De jongens leven zich met voetbal én zeilende leeftijdsgenoten uit op het veldje bij het havenkantoor. Coos relaxt -met een geweldig uitzicht over de Waddenzee- in de kuip. En ik sloof me uit op mijn hardloopschoenen: via het bos naar West aan Zee en terug via het Groene Strand. 's Avonds gaan we lekker en gezellig eten met ons buurmeisje/oppas Rianne, die deze zomerperiode scheepsmaat is op de bruine vloot.
Voor één dag houdt het instabiele, natte weer zich koest. We fietsen naar West aan Zee voor een paar uur strandplezier. En plezier hebben we: Tico en Sil kunnen (mogen) een uurtje blokarten. Tico is wat handig met het zeilkarretje en scheurt met kinderlijke eenvoud zijn halve windse-rakken over het harde strand, hij gijpt en gaat overstag op de korte kanten. Daarna doet hij hetzelfde met Sil in een duo-kart.
We vervolgen ons rondje Waddenzee en varen naar Harlingen, een plaats waar we nog niet eerder met de boot zijn geweest. Waarschijnlijk vanwege het nemen van twee hordes -in de vorm van twee bruggen- hebben we Harlingen altijd overgeslagen. En ik denk, na dit (flits)bezoek, dat we Harlingen in de toekomst regelmatig zullen blijven overslaan. Zo'n gedoe met die bruggen.
In de stromende regen verlaten we de volgende ochtend Harlingen en koersen we aan richting good old Hindeloopen waar we een Meet&Greet zullen hebben met de Moonrise.
En in Hindeloopen word ik altijd blij, Hindeloopen heeft een goede energie. Dat begint al bij de markante havenmeester, de broer van Kapitein Iglo. Gezeten op de kop van de gemeentesteiger, onder een mini-partytent bestiert deze besnorde 65+-er vriendelijk en gastvrij het komen en gaan van de (zeil)boten. De skyline van Hindeloopen is altijd een Anton Pieck-plaatje. De pittoreske huizen aan de haven, de masten, het kleine sluisje, de leugenbank met oude mannetjes, het oude reddingbotenhuis, de groene dijk met schaapjes. En dat alles onder een schapenwolken lucht. Prachtig.
Met de Moonrise is het direct, als vanouds, gezelligheid troef. We beginnen 's middags op het voordek, verhuizen daarna naar het restaurant aan de haven "Ame Gijs", drinken vervolgens koffie bij ons in de kuip. Om tot slot te eindigen met ons "vertrekkersritueel", te weten het opentrekken van een fles bubbels ter ere van het aankomen in een nieuw land: Friesland. De jongens houden een andere traditie in stand, namelijk logeren op de SeaMotions! Volop gezelligheid voor iedereen.
Helaas kunnen we maar kort blijven in Friesland; alweer de volgende dag zit onze week zomerzeilen er op en maken we de laatste mijlen terug naar onze thuishaven in Andijk.
Alle dagen van deze week hebben we (weer) intens beleefd, onze zintuigen hebben (weer) volop genoten en het was heerlijk om (weer) als gezin "onderweg" te zijn.
Voor een vakantie in Nederland is "het weer" een belangrijke factor. Pas na een blik op de lucht en op Buienradar bepaal je óf en wát je gaat doen.
Wij gooien in elk geval op vrijdag de trossen los en zetten koers naar ... OK, dat moeten we dan nog bepalen. Het is qua temperaturen prachtig zomers weer, misschien een beetje benauwd, en er is (helaas) nauwelijks wind. Op het IJsselmeer betekent dit dat de IJsselmeermugjes uit hun larf komen en in grote getale neerstrijken in de kuip. Deze zgn. ééndagszoetwatermugjes leven, zoals het woord al zegt, hoogstens één dag en vaak zelfs maar een paar uur. Hun geplette lijfjes laten vooral viezigheid achter. En zo wordt het voor ons makkelijk besluiten waar we naar toe gaan: weg van het IJsselmeer, op naar het zoute water, op naar Texel.
Na een zonnige zaterdag relaxen op Texel varen we op de volgende zonnige zondag met een rustig windje in de rug buitenom -oftewel over de Noordzee- naar Vlieland. Het is een kadootje, voor elk van ons op z'n eigen manier. De mannen gooien een vislijn uit, of beter, twee vislijnen. Het wordt een bescheiden succesvolle jacht die twee makreeltjes en veel plezie oplevert. Ik geniet van de zon en van het wijdse uitzicht, van de mooie kleur van de lucht die verglijdt in het blauw van het water. Van de ogenschijnlijke optische illusie midden in zee een strook zand te zien, wat geen optische illusie blijkt te zijn maar "gewoon" Noorderhaaks (ook wel bekend als de Razende Bol): een onbewoond eilandje, een hoogwatervluchtplaats voor zeevogels en zeehonden. Van de Texelse kustlijn met haar zandstranden en duinenrijen.
Bij Vlieland varen we voorbij aan de haveningang en gaan we "lekker rustig" voor ander op ons plekje onder de Vuurboetsduin (het duin waar de vuurtoren op staat). Het "lekker rustig" heeft vooral betrekking op het ontvluchten van de enorme drukte in de jachthaven; deze is overbevolkt met gezins(Bavaria)boten en charters. De steigers zijn oranje gekleurd vanwege de enorme hoeveelheid krabbenvangende kids met zwemvest. Maar, dat is dan ook de enige verwijzing naar "lekker rustig", want aan het mooie zomerse weer komt een einde. Er verschijnen dikke, donkere, onheilspellende wolken aan de horizon en de westenwind trekt best behoorlijk aan. Op de ankerplaats wordt het iets hobbeliger. Omdat een aantal boten verderop in iets rustiger water lijkt te liggen, verplaatsen we onze boot voor het slapen gaan een beetje meer die kant op. Helaas, een optische illusie. Die rustig liggende boten zitten middenin het proces van droogvallen; vandaar dat rustiger kabbelende water. Wij plonzen ons anker in de diepere geul naast de plaat en blijven de hele nacht hotsen en klotsen, hobbelen en schommelen. Zeus laat nadrukkelijk van zich horen (donder en bliksem) en de hemel opent zich. De regen valt met bakken tegelijk naar beneden. De wind trekt aan naar een meer dan stevige kracht 6 met vlagen kracht 7. We slapen niet of nauwelijks die nacht.
De volgende dag verdiepen we ons in de technieken van het droogvallen. We tappen kennis af van andere boten en horen zo over de specifieke plussen en minnen van droogvallen op deze plaat. Dichterbij de kant is de ondergrond zachter, blubberiger. Dichterbij de geul is de ondergrond harder door de schelpen. Volgens de kenners verandert de biotoop van deze plaat door de komst van een allochtone bewoner: de Japanse oester. Deze zuivert het water (wat hierdoor helderder wordt), maar verkalkt de plaat. Wie weet ligt hier over tientallen jaren wel een soort van rif.
Vanuit de boot bezien is zachtere ondergrond fijner dan een harde zandkorst. Met name als het gaat om het moment van droog naar drijvend. Vanuit mijzelf gezien geef ik de voorkeur aan zand in plaats van blub: via het zand bespaar ik mezelf rouwranden onder mijn teennagels als ik naar de kant waad.
Die nacht trekt de wind wederom aan en raast donder, bliksem en regen over ons heen, maar de boot ligt een deel van de avond/nacht hoog en droog (dus rustig), danwel dobbert in ondiep water. We slapen als roosjes. Het is jammer dat de wind gaat draaien naar het Zuiden. Hierdoor liggen we naar onze mening aan deze " lage wal" onvoldoende beschut.
Onze volgende bestemming wordt de jachthaven vanTerschelling. Ook deze jachthaven is in het zomerseizoen buitengewoon populair bij zeilend Nederland. In het laatste vak, helemaal buitenop en achteraan, vinden we een prachtplek. De jongens leven zich met voetbal én zeilende leeftijdsgenoten uit op het veldje bij het havenkantoor. Coos relaxt -met een geweldig uitzicht over de Waddenzee- in de kuip. En ik sloof me uit op mijn hardloopschoenen: via het bos naar West aan Zee en terug via het Groene Strand. 's Avonds gaan we lekker en gezellig eten met ons buurmeisje/oppas Rianne, die deze zomerperiode scheepsmaat is op de bruine vloot.
Voor één dag houdt het instabiele, natte weer zich koest. We fietsen naar West aan Zee voor een paar uur strandplezier. En plezier hebben we: Tico en Sil kunnen (mogen) een uurtje blokarten. Tico is wat handig met het zeilkarretje en scheurt met kinderlijke eenvoud zijn halve windse-rakken over het harde strand, hij gijpt en gaat overstag op de korte kanten. Daarna doet hij hetzelfde met Sil in een duo-kart.
We vervolgen ons rondje Waddenzee en varen naar Harlingen, een plaats waar we nog niet eerder met de boot zijn geweest. Waarschijnlijk vanwege het nemen van twee hordes -in de vorm van twee bruggen- hebben we Harlingen altijd overgeslagen. En ik denk, na dit (flits)bezoek, dat we Harlingen in de toekomst regelmatig zullen blijven overslaan. Zo'n gedoe met die bruggen.
In de stromende regen verlaten we de volgende ochtend Harlingen en koersen we aan richting good old Hindeloopen waar we een Meet&Greet zullen hebben met de Moonrise.
En in Hindeloopen word ik altijd blij, Hindeloopen heeft een goede energie. Dat begint al bij de markante havenmeester, de broer van Kapitein Iglo. Gezeten op de kop van de gemeentesteiger, onder een mini-partytent bestiert deze besnorde 65+-er vriendelijk en gastvrij het komen en gaan van de (zeil)boten. De skyline van Hindeloopen is altijd een Anton Pieck-plaatje. De pittoreske huizen aan de haven, de masten, het kleine sluisje, de leugenbank met oude mannetjes, het oude reddingbotenhuis, de groene dijk met schaapjes. En dat alles onder een schapenwolken lucht. Prachtig.
Met de Moonrise is het direct, als vanouds, gezelligheid troef. We beginnen 's middags op het voordek, verhuizen daarna naar het restaurant aan de haven "Ame Gijs", drinken vervolgens koffie bij ons in de kuip. Om tot slot te eindigen met ons "vertrekkersritueel", te weten het opentrekken van een fles bubbels ter ere van het aankomen in een nieuw land: Friesland. De jongens houden een andere traditie in stand, namelijk logeren op de SeaMotions! Volop gezelligheid voor iedereen.
Helaas kunnen we maar kort blijven in Friesland; alweer de volgende dag zit onze week zomerzeilen er op en maken we de laatste mijlen terug naar onze thuishaven in Andijk.
Alle dagen van deze week hebben we (weer) intens beleefd, onze zintuigen hebben (weer) volop genoten en het was heerlijk om (weer) als gezin "onderweg" te zijn.
maandag 30 juli 2012
Zomer!
We hebben de smaak van "feestjes" te pakken, want we hebben nóg iets vieren. We hebben namelijk daad bij het woord kunnen voegen als het gaat om de uitdrukking "de grond van je buren komt maar één keer te koop". Al jaren was nr. 35 te koop. Eerst met huis zonder enig energielabel maar mét volop natuurlijke ventilatie. En sinds 2011 als bouwkavel met een buitenproportioneel, megalomaan bouwontwerp. Enfin, dat kolossale pand gaat er niet komen nu wij de teugels in eigen hand hebben, nu wij zelf de toekomst van dit perceel kunnen regisseren. Nu wij eigenaar zijn geworden. Yeehaa!
Daags na de overdracht gaat buurman Frans (hoveniersbedrijf Koet) lekker los met de bosmaaier om het weelderig begroeide perceel van veldbloem en overig onkruid te ontdoen. Vervolgens komt loonbedrijf Cor met graafmachine en tractor om 14 ton overgebleven puin weg te happeren en af te voeren. Om daarna weer 40 ton gemengde grond met compost aan te voeren. Kortom, volop reuring in de straat. Voorlopig creëren we een oprit voor de auto, een trapveldje voor de jongens en verplaatsen we de schutting. Daarna laten we de tijd z'n werk doen als het gaat om het definitief vormgeven van het scala aan mogelijkheden dat voor ons ligt.
Ongeveer tegelijkertijd begint de zomervakantie voor Tico en Sil. De laatste schooldagen verlopen rommelig. Leerkrachten zijn druk met opruimen en verhuizen van lesmateriaal. De leerlingen worden "geparkeerd" met een film op een digibord. Tico hoeft de laatste 3 dagen helemaal niet te komen als school hem niet uitkomt. Dat laat hij zich geen 2x zeggen.
De 1e week van de zomervakantie worden we getrakteerd op zalig zomers weer. De zon schijnt uitbundig, de lucht is strakblauw en de temperaturen zijn welhaast mediterraan. Het is goddelijk en van mij mag dit weken aanhouden. Geen keuzestress of jas/vest/sjaal aan of mee moet. De winterlaarzen blijven eindelijk in de kast. Hoogstens is extra alertheid geboden of oksels en bikinilijn voldoende getrimd zijn, teennagels goed in de lak zitten en de zonnebril als standaarduitrusting in de tas zit.
Zoals elke zondagochtend loop ik ook deze 1e zondagochtend van de zomervakantie met het "zondagochtendgroepje" hard door de duinen van Bergen. En elke keer, of bijna elke keer, beleef ik wel een soort van euforisch moment. Dit keer beklimmen we een duin van waaraf we een geweldig 360graden uitzicht hebben: de blauwe zee, de typische villa's van Bergen aan Zee, een van brand herstellend stuk duingebied, het bos én Landgoed Huize Glory bovenop de "Russenduin" (er zou een eenheid Russische soldaten begraven liggen uit de tijd dat Nederland nog van Frankrijk was en er voortdurend ruzie uitgevochten moest worden met de Engelsen).
Het voelt elke keer enorm rijk om in zulke mooie natuur te mogen hardlopen.
Op de terugweg lopen we via die "Russenduin" door de voortuin van via het eerder genoemde Landgoed Huize Glory. Tot die zondag wist ik niet van het bestaan af deze hoge duin en had ik het landgoed slechts vanuit de verte gezien.
Landgoed Huize Glory heeft een rijke, interessante geschiedenis leer ik 's middags als ik na een fietstocht met het gezin op het terras aldaar neerstrijk. Dit landgoed is bijv. ruim 30 jaar (vanaf ca. 1930) in eigendom en gebruik geweest van het fenomeen "Bio Vacantieoord". Een oord waar de allerarmste en meest ondervoede kinderen, de zogenaamde bleekneusjes van Nederland, 6 weken verbleven om bij te eten en aan te sterken, opdat ze sterk en gezond terug konden keren in de samenleving. 3x Daags eten tot je geen pap meer lustte, sporten in de buitenlucht en een elke dag een middagdut.
In de 2e wereldoorlog nemen de Duitsers de villa over en laten ze van het oorspronkelijke binnengebeuren weinig heel. Pas vanaf 1947 is alles weer zodanig op orde dat er nieuwe groepen bleekneusjes kunnen verblijven. En die zijn er in de opbouwjaren na de oorlog meer dan genoeg. Na 1960 verandert de houding tegenover de vakantiekolonies: er zijn simpelweg te weinig "ongezonde" kinderen.
Vanaf 1970 is de (dubieuze) religieuze sekte Unified Family in het landgoed gehuisvest. De volgelingen van de Koreaanse Messias Sun Myong Moon dopen de villa om tot Huize Glory. Van deze periode is weinig informatie terug te vinden. Vanaf 1975 gaat het eigendom over in handen van Stichting Verenigingskerk voor Nederland. Het bescheiden aantal actieve leden hebben uitbating van kamers, appartementen en sinds 2011 ook een restaurant, nodig om de kosten voor onderhoud te kunnen blijven opbrengen.
Kortom, het "kasteel van Bergen aan Zee" kent een veelbewogen historie.
Onze kinderen hoeven niet naar een vakantiekolonie, maar gaan wel naar een golfsurfka,p in Egmond aan Zee. Lekker sportief bezig zijn in de buitenlucht blijft goed en gezond voor een kind! In no time leren Tico en Sil kijken naar de golven die komen, het starten van het peddelen en het timen om in één vloeiende beweging van liggen naar staan te komen op een surfboard (de "take off"). Ze leren coole skills, trics en trucs. En ze leren natuurlijk over gevaren van de zee, bijv. wat is een mui en wat doe je als je er in komt? Ook leren ze hoe en wat je "communiceert" als je in het water in problemen raakt.
Elke werkdag van deze 1e week zomervakantie vertoef ik aldus even op mijn meest favoriete plek, het strand. Elke ochtend en namiddag even met mijn voeten in het zand genieten van het wijdse uitzicht, de combinatie van de kleuren van lucht, zee, strand en duin. Stil staan bij het gevoel dat dit beeld mij geeft, namelijk het gevoel van ultieme vrijheid. Het leven is elke dag één groot feest ... als je zelf elke dag de slingers ophangt!
Daags na de overdracht gaat buurman Frans (hoveniersbedrijf Koet) lekker los met de bosmaaier om het weelderig begroeide perceel van veldbloem en overig onkruid te ontdoen. Vervolgens komt loonbedrijf Cor met graafmachine en tractor om 14 ton overgebleven puin weg te happeren en af te voeren. Om daarna weer 40 ton gemengde grond met compost aan te voeren. Kortom, volop reuring in de straat. Voorlopig creëren we een oprit voor de auto, een trapveldje voor de jongens en verplaatsen we de schutting. Daarna laten we de tijd z'n werk doen als het gaat om het definitief vormgeven van het scala aan mogelijkheden dat voor ons ligt.
Ongeveer tegelijkertijd begint de zomervakantie voor Tico en Sil. De laatste schooldagen verlopen rommelig. Leerkrachten zijn druk met opruimen en verhuizen van lesmateriaal. De leerlingen worden "geparkeerd" met een film op een digibord. Tico hoeft de laatste 3 dagen helemaal niet te komen als school hem niet uitkomt. Dat laat hij zich geen 2x zeggen.
De 1e week van de zomervakantie worden we getrakteerd op zalig zomers weer. De zon schijnt uitbundig, de lucht is strakblauw en de temperaturen zijn welhaast mediterraan. Het is goddelijk en van mij mag dit weken aanhouden. Geen keuzestress of jas/vest/sjaal aan of mee moet. De winterlaarzen blijven eindelijk in de kast. Hoogstens is extra alertheid geboden of oksels en bikinilijn voldoende getrimd zijn, teennagels goed in de lak zitten en de zonnebril als standaarduitrusting in de tas zit.
Zoals elke zondagochtend loop ik ook deze 1e zondagochtend van de zomervakantie met het "zondagochtendgroepje" hard door de duinen van Bergen. En elke keer, of bijna elke keer, beleef ik wel een soort van euforisch moment. Dit keer beklimmen we een duin van waaraf we een geweldig 360graden uitzicht hebben: de blauwe zee, de typische villa's van Bergen aan Zee, een van brand herstellend stuk duingebied, het bos én Landgoed Huize Glory bovenop de "Russenduin" (er zou een eenheid Russische soldaten begraven liggen uit de tijd dat Nederland nog van Frankrijk was en er voortdurend ruzie uitgevochten moest worden met de Engelsen).
Het voelt elke keer enorm rijk om in zulke mooie natuur te mogen hardlopen.
Op de terugweg lopen we via die "Russenduin" door de voortuin van via het eerder genoemde Landgoed Huize Glory. Tot die zondag wist ik niet van het bestaan af deze hoge duin en had ik het landgoed slechts vanuit de verte gezien.
Landgoed Huize Glory heeft een rijke, interessante geschiedenis leer ik 's middags als ik na een fietstocht met het gezin op het terras aldaar neerstrijk. Dit landgoed is bijv. ruim 30 jaar (vanaf ca. 1930) in eigendom en gebruik geweest van het fenomeen "Bio Vacantieoord". Een oord waar de allerarmste en meest ondervoede kinderen, de zogenaamde bleekneusjes van Nederland, 6 weken verbleven om bij te eten en aan te sterken, opdat ze sterk en gezond terug konden keren in de samenleving. 3x Daags eten tot je geen pap meer lustte, sporten in de buitenlucht en een elke dag een middagdut.
In de 2e wereldoorlog nemen de Duitsers de villa over en laten ze van het oorspronkelijke binnengebeuren weinig heel. Pas vanaf 1947 is alles weer zodanig op orde dat er nieuwe groepen bleekneusjes kunnen verblijven. En die zijn er in de opbouwjaren na de oorlog meer dan genoeg. Na 1960 verandert de houding tegenover de vakantiekolonies: er zijn simpelweg te weinig "ongezonde" kinderen.
Vanaf 1970 is de (dubieuze) religieuze sekte Unified Family in het landgoed gehuisvest. De volgelingen van de Koreaanse Messias Sun Myong Moon dopen de villa om tot Huize Glory. Van deze periode is weinig informatie terug te vinden. Vanaf 1975 gaat het eigendom over in handen van Stichting Verenigingskerk voor Nederland. Het bescheiden aantal actieve leden hebben uitbating van kamers, appartementen en sinds 2011 ook een restaurant, nodig om de kosten voor onderhoud te kunnen blijven opbrengen.
Kortom, het "kasteel van Bergen aan Zee" kent een veelbewogen historie.
Onze kinderen hoeven niet naar een vakantiekolonie, maar gaan wel naar een golfsurfka,p in Egmond aan Zee. Lekker sportief bezig zijn in de buitenlucht blijft goed en gezond voor een kind! In no time leren Tico en Sil kijken naar de golven die komen, het starten van het peddelen en het timen om in één vloeiende beweging van liggen naar staan te komen op een surfboard (de "take off"). Ze leren coole skills, trics en trucs. En ze leren natuurlijk over gevaren van de zee, bijv. wat is een mui en wat doe je als je er in komt? Ook leren ze hoe en wat je "communiceert" als je in het water in problemen raakt.
Elke werkdag van deze 1e week zomervakantie vertoef ik aldus even op mijn meest favoriete plek, het strand. Elke ochtend en namiddag even met mijn voeten in het zand genieten van het wijdse uitzicht, de combinatie van de kleuren van lucht, zee, strand en duin. Stil staan bij het gevoel dat dit beeld mij geeft, namelijk het gevoel van ultieme vrijheid. Het leven is elke dag één groot feest ... als je zelf elke dag de slingers ophangt!
maandag 16 juli 2012
Feestjes!
Druk-druk-druk in het kwadraat. Of in ieder geval de beleving van "druk-druk-druk". En tegelijkertijd is dat "druk-zijn" allemaal maar relatief. Want waar heb ik het nu eigenlijk over? Druk met 's ochtends hardlopen en daarna de stofzuiger door mijn huis halen bedenkende dat ik ook nog wel even met een kop thee wil zitten voordat de jongens (met vriendjes) het huis vullen voor de lunch. Of "druk" met thee drinken bij een vriendin die terug is van een vakantietrip en met wie hoognodig bijgekletst moet worden. Of "druk" met het bedenken van een leuke give away voor na het 10-jarig verrassingsfeest van Coos' bedrijf. Of "druk" met verse soep maken als opa's en oma's soep met brood komen eten, voordat we met z'n allen naar Tico's eindmusical gaan kijken (soep uit een pakje is stukken makkelijker, ik weet het). Of "druk" met 2x op een dag naar het MCA fietsen als een vriendin voor een vervelende behandeling 24 uur in het ziekenhuis moet verblijven. Kortom, het is wel druk maar ik heb geen drukkende stress.
Het was overigens wel "druk" genoeg om geen woord op het spreekwoordelijke papier te krijgen voor dit weblog. Het was te "druk" in mijn hoofd om tijd te nemen eens als naar een film naar mijzelf en mijn leven te kijken en te zien. Ik ga haast zelf vergeten wat er de afgelopen weken voorbij gekomen is. Welnu, de hoogtepunten uit mijn (onze) recente film:
Tico beleeft de eindsprint groep 8 zoals dat voor een groep 8 mag zijn: veel pleziertjes , veel feestjes, veel saamhorigheid en veel oefenen voor de musical.
De finale voorstelling van de musical FeestLift is hartverwarmend. Hoewel de rode draad in het verhaal mij (en alle andere ouders en ook de kinderen) ontgaat, straalt het plezier en de energie er van af. Alle kinderen spelen een hoofdrol en allemaal met eenzelfde geestdrift en enthousiasme. Zo ook Tico; het is heerlijk om hem zo vrij en blij op het toneel te zien. Hij heeft een geweldig leuke en sociale klas. Aan niets is te merken dat hij pas 1 jaar in deze groep zit.
De enige "last" in Tico's leventje is het oefenen voor zijn type-examen. En het oefenen voor de voorspeelavond op de muziekschool. Uiteraard haalt hij zijn type-diploma (niet slagen was geen optie voor mij). En de voorspeelavond (piano) gaat ook goed; hoewel het er niet op lijkt dat hij zijn toekomst in de muziek ziet, heeft hij zich toch de basis van het pianospel en het noten lezen een beetje eigen gemaakt.
Sil heeft in 2 weken tijd 3 verjaardagspartijtjes, waaronder zijn eigen partijtje. Tenslotte was hij 21 december jl. jarig… De weergoden lijken ons niet goed gezind. 's Ochtends valt het water met bakken uit de hemel, gaat de regen horizontaal door de straat. 's Middags klaart het voorzichtig op en hoeven we tijdens het "levend Ganzenbord" slechts 1x te schuilen. Op school treffen ze het met sportdag; net die dag is het zomers warm. En ook als de themaweek Olympische Spelen op vrijdagmiddag-/avond wordt afgesloten op het schoolplein laat de zon zich goed zien.
Met vrienden bezoek ik de toneelvoorstelling Het Diner. Het stuk volgt trouw de verhaallijn van het veelbesproken boek van Herman Koch en handelt over 2 broers die dineren in een restaurant met hun echtgenoten. Tijdens het diner moet een heikel punt, een duivels dilemma besproken worden over iets dat hun kinderen uitgespookt hebben. Iets dat het daglicht niet kan verdragen. Wanneer en hoe sta je achter je kind, steun je het en breng je het verder op het pad richting volwassenheid? Iets waarover interessante discussies gevoerd kunnen worden. Het is niet zwart, het is niet wit, het is zwart-wit. En dus niet eenvoudig.
Het lukt ons nog om een weekend naar de boot te gaan. We zeilen wat snelle rakken op het IJsselmeer (het waait pittig) en belanden uiteindelijk voor anker in het kommetje bij Enkhuizen. 's Avonds gooien we allemaal lekkere dingen op de Cobb en hebben we een topavond met z'n viertjes. Het voelt heerlijk om –net als toen- weer zo intiem en intens met elkaar te zijn. Met behulp van het speelgoedkeybord componeren we een liedje voor Ben & Riny: Sil speelt de piano en Tico zingt. Dikke pret!
Want, met Coos' broer en zus wordt het feest ter ere van het 50-jarig huwelijk van Ben & Riny georganiseerd. Een hele (helse?) klus om de verschillende karakters gezamenlijk een feest te laten samenstellen dat niet alleen uit vorm maar ook uit inhoud bestaat. Een feest waarbij Ben & Riny centraal staan en de gasten een onvergetelijke middag bezorgd wordt. En dat lukt! Warme woorden, mooie en ontroerende liedjes, schitterende vioolmuziek, leuke anekdotes, lekker Indisch eten en dat alles in een zonovergoten tuin. Het was voor iedereen als een warm bad, een bijzondere middag die niet snel vergeten zal worden.
Tussen al deze bedrijvigheid door flitst er ook nog door mijn hoofd dat het afgelopen weekend exact 2 jaar geleden was dat wij het ruime sop kozen op weg naar Ramsgate (Engeland), de eerste trip van ons sabbatical year. Alweer 2 jaar geleden ……
Abonneren op:
Posts (Atom)


























































