Globale reisplanning

Wij, de familie Keijser, hebben van 2010 tot 2011 met onze catamaran SeaMotions, voor een jaar een ' rondje Atlantic' gevaren. We koesteren onze herinneringen in ons dit digitale "book of memories". Daarna ben ik doorgegaan met het zo nu en dan vastleggen van het wel en wee van ons leven op land.







maandag 9 januari 2012

Uitbundig bewust!

31 december 2011: oliebollen bakken, karbiet schieten en uitbundig vuurwerk! Heel anders dan 365 dagen geleden, toen we als een raket met halve wind van Tobago naar Grenada zeilden en we om 00.00 uur een Chinese (roze) wensballon de lucht in lieten gaan (die gelukkig nét niet op iemands voordek belandde, pffff).

In de doorgaans keurige (en saaie?) Kerkelaan wordt het geknal van rotjes vanaf de middag op het braakliggende perceel van nr. 35 alvast afgewisseld met doffe dreunen van het karbiet schieten. Buurman Frans en overbuurman Hessel laten het kind  in henzelf met behulp van melkbus en buskruit naar boven komen onderwijl de feesttent voor de avond opbouwend. Daartussen door scharrelt Sil met buurmeisje Lieve en buurjongentje Rijk. Zij leren en passant de beginselen van vuurwerk afsteken: ze hebben elk wat doosjes met knalerwten gekregen en hebben daarmee plezier voor 10. Hoewel ik het fenomeen “rotjes” vreselijk vind, oefent Tico alvast in de achtertuin met deze knallers. Maar ja, beter in de eigen achtertuin dan stiekem uit het zicht. Coos bakt een schaal oliebollen en ik doe de laatste boodschappen van 2011.

’s Avonds schuiven Rik en Kirsten aan bij onze champagne en voor we het weten is het tijd om de kinderen wakker te maken. Tico is –uiteraard- opgebleven, maar Sil is ver weg in dromenland. We krijgen hem met geen mogelijkheid wakker en ook het lawaai van het vuurwerk doet hem niets. In de straat is het ongekend druk, levendig en bovenal gezellig. De “Koeten” brengen volop reuring in de straat. Op de stoep branden vuurkorven en op straat worden op rij hele dozen (illegaal) vuurwerk ontstoken. Het sist, ploft, suist en knalt dat het een lieve lust is. Zelfs ik, die vuurwerk vooral gevaarlijke onzin en geldverspillerij vindt, geniet volop. Alle nabije buren blijken deze avond thuis te zijn en er ontstaat spontaan een heus straatfeest met champagne, bier en glühwein. Tegen de tijd dat de laatste klap vuurwerk klinkt, wordt Sil toch nog wakker. Arm kereltje … net te laat om al dat mooie vuurwerk te zien. Na wat aanvankelijk gemok en gegrom over deze teleurstelling gaat ie lekker spelen met Gijs en Sophie alsof het 2 uur ’s middags is.
We zijn het jaar 2012 geweldig uitbundig begonnen!!

De weergoden laten uitbundig van zich horen in dit prille begin van 2012, want zowel op 3 als op 5 januari wordt Nederland, en dan vooral Noord-Holland en de Waddeneilanden, geteisterd door heftige Noordwesterstormen. De combinatie overvloedige regenval, overvolle rivieren en een Noordwesten wind zorgt voor “wassend water” van ongekende hoogte. Op meerdere plekken in Nederland moeten dijken worden verzwaard, gaan zandzakken voor deuren en ramen en maken de gemalen overuren.

Wij laten ons door dit weer niet van de wijs brengen. Na een uitbundige feestweek, gaan we nu uitbundig schaatsen en logeren. Althans, de kids.
In de eerste week van het nieuwe jaar staan wij, ook met windkracht 8 gewoon op de schaatsbaan alwaar Tico en Sil een 4-daagse schaatsclinic volgen. Zij leren alles over glijden, balans en snotlijn. De laatste ochtend schaatsen ze op de ijsbaan met stempelkaart in de hand een alternatieve Noord-Holland Tocht. Wat ons betreft kan die horrorwinter komen. Laat het maar vriezen dat het kraakt. Schaatstechnisch zijn wij er klaar voor.
Windkracht 8-9 weerhoudt ons er ook niet van naar Wateringen te rijden om Tico bij de “Moonrise” te droppen en vervolgens Sil –via een bliksembezoek aan de IKEA- af te zetten bij het pannenkoekenhuis in Bakkum waarna hij bij Lieve en Rijk gaat logeren. Zowel Tico als Sil gaan woensdag subtropisch zwemmen en beiden eten hun buik uitbundig vol aan pizza en “kapsalon”. Dit laatste is een van oorsprong Rotterdamse (ultieme) vette hap: patat, shoarmavlees, tomaat, komkommer, knoflooksaus, gesmolten kaas en sambal en dat allemaal boven op elkaar gestapeld in eenzelfde gezinsaluminiumbak (1800 calorieën!!).

Naast het uitbundige kids-activiteitenprogramma hebben wij ook nog ons eigen sociale programma. Na het nachtje logeren van Tico in Wateringen, komt de Moonrise bij ons eten en blijven Bram en Gijs bij ons logeren. We krijgen de Pjotter (Kees en Martha) te eten en hebben met elkaar een leuke, inspirerende avond. Ook hebben we een hele genoeglijke avond als de Salon (Frits en Marleen) bij ons te gast is.
Met elkaar mijmeren we over wat was en wat we missen of helemaal niet missen. Unaniem missen we de zon, de vanzelfsprekende aangename temperaturen en het buitenleven. Ook zijn we het er helemaal over eens dat het zeilend reizen heel overzichtelijk, heel bewust en heel relaxed is. Terug in Nederland ervaren we allemaal de overdaad aan externe prikkels: het dagelijks “nieuws”, de tv, de reclames, de sociale agenda, etcetera. We blijken allen veel bewuster om te gaan met de prikkels die op ons afkomen. We maken onze keuzes bewuster. En we vragen onszelf (buiten het reguliere spectrum van werk en school) bewuster af of wat we doen er wel toe doet of ergens toe bijdraagt. In plaats van het leven maar te laten gebeuren en zonder na te denken mee te gaan met de waan van alledag. Geen van ons is met weemoed blijven hangen in het verleden. Allemaal leven we zoveel als mogelijk bewust en uitbundig in het nu en daarmee bedoel ik: het leven in Nederland met alles wat daarbij hoort.

En dan loopt de kerstvakantie ten einde en zijn we eigenlijk bek-af van alle (gezellige) drukte en reuring. Het laatste weekend van de vakantie besteden we vooral in en om het huis. Althans, de 3 mannelijke gezinsleden. In het kader van “uitrusten”, loop ik op zondag 8 januari 2012 mijn eerste halve marathon van het nieuwe jaar. En dat vind ik een uitbundige prestatie. Binnen 4 maanden heb ik naar 21km hardlopen getraind zonder het woord “te” in het (trainings)programma. En in de week voor de 8ste heb ik pas bewust besloten “doe ik het wel of doe ik het niet”. Enfin, ik doe het wel en loop de 21km lekker en relaxed. Al vrij vlot in de race blijkt mijn rol die van “haas” voor mijn vaste loopmaatje Agnes te zijn, een rol die mij prima past. Vanaf het 17km-punt beginnen de scharnierende delen enigszins te piepen en te kraken, maar geen enkel moment voel ik pap of lood in de benen. Kortom, relatief fris finish ik na zo’n 2.09 uur. Geen wereldtijd, maar ach, voor wie is dat nu uiteindelijk belangrijk? Je be-(of ver-)oordeelt alleen jezelf ermee en ik heb er bewust voor gekozen om “lekker te lopen” en solidair te blijven met Agnes.

9 januari 2012: de vakantie is voorbij, we gaan terug naar het leven van rust-regelmaat-ritme! En daar gaan we zo uitbundig en bewust mogelijk van genieten!!

maandag 2 januari 2012

Een tropische dag in december 2011!

Kerstige pretdagen en een nieuw geluksjaar.
Een geweldig leuke woordspeling die ik graag zelf bedacht had, maar simpelweg gejat heb van een vriendin (waarvoor dank).
2e kerstdag, daags na de geboorte van kindeke Jezus, staan Coos en ik oog in oog met de dood, via De Dood Leeft. Dit is een volstrekt andere woordspeling, namelijk de naam van een interessante tentoonstelling in het Tropenmuseum (Amsterdam) over de beleving en verwerking van de dood in de verschillende culturen. Bij binnenkomst in de speciaal met zwarte doeken afgezette middenruimte staan wel 10 televisie-schermen die voortdurend fragmenten van de dood, van overlijden, laten zien. Vervolgens worden we langs een foto-tentoonstelling geleid, waarbij de fotograaf verschillende mensen (man/vrouw/jong/oud/ziek/gezond) heeft gefotografeerd dagen of weken vóór het overlijden en daags ná het overlijden. Een journalist heeft de betreffende mensen geïnterviewd over hun ideeën rondom het onvermijdelijke: het overlijden, de dood en het leven (of niet) na de dood. Na het aanschouwen van 2 foto’s (close-ups) en het lezen van de bijbehorende onderschriften sta ik al inwendig te brullen. Niet omdat de foto’s zo schokkend zijn. Integendeel, het zijn prachtige, serene, vredige foto’s. Alsof de overledenen heerlijk aan het slapen zijn. En toch maakt het me intens verdrietig. En dat zegt waarschijnlijk alles over mijn eigen angst voor de dood en het simpele gegeven dat naarmate ik ouder word de dood dichterbij komt. Niet zozeer mijn eigen dood, als wel het potentieel overlijden van dierbaren. Voor mijn gevoel ben ik sinds we terug zijn van onze zeilreis meer met (in)direct overlijden of potentieel overlijden geconfronteerd. Of staan mijn zintuigen als gevolg van de zeilreis nog zo open dat ik me veel bewuster ben van de eindigheid van ons bestaan?

In de tropen denken ze overigens veelal niet in “eindigheid”, maar veel meer in een leven na de dood, reïncarnatie. De begrafenisrituelen zijn veel meer dan in Westerse landen gericht op het “organiseren” van een plezierige, soepele reis van de ziel naar gene zijde, de onderwereld, de bovenwereld ofwel dat wat wij, westerlingen, de hemel (of de hel) noemen. Na de confronterende foto-tentoonstelling vloeit de expositie over in de reisrituelen van de ziel: op z’n Balinees het stoffelijk lichaam verbranden in een symbolische koe, op z’n Indiaas de as van de overledene stroomafwaarts laten meevoeren. In veel culturen lopen de emoties bij een dergelijk afscheid hoog op,  maar kunnen deze emoties wel volstrekt verschillend zijn. Bij een Afrikaanse stam wordt bij de begrafenisceremonie gehuild, gejankt, gekrijst, gegild, gepraat, gebeden waar in een Aziatisch land alleen maar vertier georganiseerd wordt en alleen maar gelachen wordt. Sterker nog, daar gelooft men dat huilen bij het afscheid van het stoffelijk bestaan slecht is voor de zielenreis. Allemaal prachtige, eeuwenoude rituelen en tradities en opeens is de dood (even) niet meer zo eng, zo angstaanjagend, zo’n definitief einde.
Hoewel, ...een uitzondering betreft nu bijvoorbeeld het massaal wenen in Noord-Korea om de dood van "geweldig leider" Kim Jong Il. Dat volksverdriet heeft een geheel andere reden, namelijk lijfsbehoud, puur overleven! Het communistisch regime aldaar schijft voor dat de bevolking 3x daags moet treuren om hun overleden leider. Deze rituelen zijn een test voor de trouw aan de communistische dynastie, de dictator moet aanbeden worden.


Naast interesse voor de inhoud (klinkt wel een beetje gek als het gaat om een onderwerp als “de dood”) zijn we enorm gefascineerd door de opbouw van een dergelijke expositie. Heel subtiel worden we namelijk door het onderwerp geleid beginnend met emotionele gevoelens als ongeloof, geschokt, afschuw, verdriet, boosheid naar berusting, aanvaarding, acceptatie en (louterende) vrede en vanuit liefde herdenken. Een soort van quick and dirty, “niet voor het echie” rouwbeleving.

Terwijl wij met de dood bezig zijn, maken Tico en Sil ondertussen kennis met de Qi (tsjie) van China, de energie die door alles heen stroomt, door mensen en dingen, door dieren, door gebouwen. In het Chinese restaurant maken ze noodles en koekjes en drinken ze Chinese thee. Ze horen over het terracottaleger van de eerste, jonge Chinese keizer Qin (zo’n 200 jaar voor Christus!!), over de gewoontes en gebruiken van een fabrieksdirecteur maar ook die van de fabrieksarbeider. Ze komen in een kliniek voor traditionele Chinese geneeskunst (acupunctuur) en zien hoe d.m.v. een speldenprik op de juiste plek blokkades in het lijf opgeheven worden. Ze kalligraferen een Chinees teken en snuffelen aan KungFu en Tai Chi.
De dood komt in hun China-rondleiding ook voorbij: om de Qi voor dierbare doden te laten stromen, offeren de Chinese mensen materiële wannahaves, gadgets of luxe producten die ze de overledene toewensen. En dan niet in het echt, maar een papieren versie. Denk aan een papieren scooter op ware grootte, een papieren iPhone, een papieren Cadillac. Opvallend te zien dat de Chinesen ware kopieerkunstenaars zijn: dergelijke offers zijn haast niet van het echte product te onderscheiden.

Al met al doet het snuffelen aan deze verre culturen en vreemde gebruiken het avonturiersbloed in ons weer harder stromen en verlangen we weer even terug naar het reizende bestaan. We wisten het stiekem al, maar  … het komt nooit meer helemaal “goed” met ons. We dromen nieuwe dromen en de tijd zal leren welke droom een Keijserlijk project wordt om vervolgens verwezenlijkt te worden.

vrijdag 23 december 2011

Santa Claus is coming to town!!

Last Christmas - I’m dreaming of a white Christmas - Heilige nacht, stille nacht – JingleBells – Driving home for Christmas  

Alle kerstklassiekers schallen uit de radio, heerlijk! Want het is tijd voor de volgende Sint, oftewel Santa Claus.
En deze in het rood gehulde rondbuikige goedzak is eigenlijk de door Nederlandse kolonisten mee naar de Verenigde Staten meegenomen Sinterklaas. De uit Europa geïmporteerde Sinterklaas kreeg in de VS al snel een muts in plaats van een mijter en ook de kromstaf verdween. In de loop van de jaren is er een heel verhaal om de kerstman heen bedacht zoals zijn geboorteplaats, de rendieren, de slee en de elfen. Het beeld van de kerstman zoals we die nu kennen, komt uit het tekenpotlood van een Amerikaanse tekenaar die in 1930 voor Coca Cola een serie advertenties voor de kerstperiode ging ontwerpen met als opdracht: een gezellige, menselijke dikkerd met baard in de bedrijfskleuren rood en wit. Enfin, dit exclusief voor Coca Cola ontworpen “beeld” is door de jaren heen gemeengoed geworden als “Santa Claus” en vrij vlot daarna vrijgegeven zodat iedereen van dit “beeld” gebruik mocht maken.
De kerstboom heeft eveneens niets met de oorspronkelijke kerstgedachte, de geboorte van kindeke Jezus, te maken, hoewel het wel 19e eeuwse geestverwanten van de Rooms-Katholieke kerk zijn geweest die voor de introductie van de kerstboom in Nederland hebben gezorgd.

In huize Keijser prijkt een bescheiden kerstboom. De aanvankelijke bonte verzameling aan ballen en versiersels die de jongens er in gehangen hebben, heb ik gefaseerd ingewisseld voor zilverkleurige en zwarte ballen. Helaas voor hen ben ik meer het type “binnen de lijntjes kleuren”, rechte strepen, overzichtelijke rijtjes en gelijke aantallen. En dus op kerstboomniveau betekent dat simpelweg ballen in dezelfde kleurschakering.

Op school is het ook kerst dat de klok slaat: het schoolorkest oefent verschillende liedjes. Zo speelt Tico de ukelele en begeleidt hij op keyboard klasgenootje Sophie die dwarsfluit speelt. Sil heeft als herder 5 regels tekst in het kerstverhaal “Jozef in de stal en met Maria op reis naar Bethlehem”. Er worden in de klas waxinelichthouders geschilderd, kerststerrren geprikt, kleurplaten gekleurd en kerststukjes gemaakt. Met als finaal klapstuk een heus kerstdiner in twee kinderrestaurants wat een paar uur eerder nog gewoon de klas van groep 4 en groep 8 was.
Op grote mensen gebied betekent kerst veel extra drukte bovenop alle gewone drukke bezigheden. In de supermarkt wordt gehamsterd alsof de Hongerwinter weer voor de deur staat: vrouwen en mannen staan met verwilderde ogen en verkreukelde boodschappen A-4tjes achter karren vol eten in enorm lange rijen voor de kassa’s. De supermarkten rekenen op een recordomzet (meer dan 800miljoen euro) en ook de webwinkels doen goede zaken. De postbodes doen langer over hun postrondes door alle “ouderwetse” papieren kerstwensen. Het blijft zo ontzettend leuk om zulke post te krijgen. Van wie krijg je een kaart? In elk geval van familie/vrienden/kennissen met wie je in het dagelijks leven misschien nauwelijks contact hebt, maar van wie je wel trouw elk jaar een kerstkaart ontvangt (Sorry familie/vrienden/kennissen, ik vrees dat een kerstkaart tussen het spreekwoordelijke wal en schip valt …. ik hoop er nog een creatieve nieuwjaarskaart uit te persen, al dan niet digitaal …).

Een jaar geleden ging al deze kersthysterie aan ons voorbij. Daags voor kerst kwamen we na 13 dagen non-stop Atlantische Oceaan aan op Tobago. We aten we de 1e avond aan land op de pof bij Gail’s Restaurant, we visten daags voor kerst een kunstboompje uit het vooronder en zaten 1e kerstdag aan een heus 5-gangen kerstdiner in het Coco Reef Hotel. Geen stress, geen drukte, geen hysterie en geen verwachtingen. Het was een geweldige kerst!

Kerst 2011, thuis in Nederland, zal het weer een geweldige kerst worden. Want we zijn met elkaar, we zijn gezond en we hebben het –nog steeds- goed!

Tot slot voor iedereen die deze blogspot nog steeds leest: heerlijke kerstdagen toegewenst met oog en aandacht voor je dierbaren. Voor 2012 wensen wij iedereen een jaar zonder pijn, verdriet en tegenslag. Dat elke dag een dag met liefde en een lach zal zijn.

woensdag 14 december 2011

Storm (achtig)!

De afgelopen week staat in het teken van storm. De figuurlijke “storm” is geluwd; het spannende Sinterklaasfeest is gevierd. Op zondagmiddag 4 december krijgen Sil en Tico post van de goedheilig man en worden ze door het huis gestuurd om uit allerlei hoeken en gaten zakken met surprises, gedichten en kadootjes te halen. Vorig jaar verraste Sinterklaas ons op zee en vierden we zijn verjaardag en petit comité. Dit jaar hebben we zijn verjaardag grootser aangepakt met een huis vol opa’s en oma’s, tante en oom, huisvriendin en –vriend. Voor iedereen zijn er gedichten, variërend van korte rijmelarijen tot prikkelende en hilarische poëzie. Coos en ik krijgen zelfs de opdracht een heus toneelstuk op rijm op te voeren.

Sinterklaas is net op tijd met zijn stoomboot vertrokken en voor de storm uit naar Spanje gevaren. Want na zijn verjaardag waait er wel een volle week een woeste wind over Nederland en wordt in de kustprovincies en op de Waddeneilanden zelfs langdurig windkracht 9 gemeten. Spectaculair weer; soms gaat de regen en hagel horizontaal door de straat. Niets lekkerder dan op zo’n moment binnen te zitten en het van een afstandje te mogen beschouwen.

Woensdag beloven de heren van het KNMI een rustige en droge(re) ochtend, de spreekwoordelijke stilte voor de storm, en die benut ik om een rondje te gaan hardlopen. Zonder na te denken hol ik langs het Maalwater richting het “Kippebruggetje” op weg naar Egmond aan de Hoef. Oef... pal tegen en hoewel het niet stormt, waait er in het open veld toch zeker een dikke 6. Kromgebogen tegen de wind boks ik me vooruit. Het voelt –hoewel haast gewichtsloos door het voorover leunen in de wind- alsof ik een dode olifant aan mijn enkels heb hangen. Ik beschouw het maar als een goede krachttraining. Tegen de tijd dat ik in de luwte van de huizen in Egmond aan de Hoef loop, voelt mijn lijf loodzwaar. Opeens ben ik niet meer gewichtsloos, heb ik mijzelf weer te dragen. Via het fietspad langs de duinen hol ik richting de hertjes om vanaf daar wind mee, “achterover leunend” de kilometers terug naar Heiloo te maken. Rond het middaguur trekt de wind verder aan en in de namiddag wordt uit voorzorg de hockeytraining van Sil afgelast. Niet onverstandig, de combinatie 6-/7-jarige pupillen en windvlagen van 90 – 100km/uur is geen ideale combinatie.

Donderdag- en vrijdagochtend, twee ochtenden dat het iets rustiger waait, benut ik om naar het strand te rijden. Op de boulevard van Egmond aan Zee hebben zich heuse zandduinen gevormd. De ramen van de huizen en flats langs deze boulevard zien grauw van het zout. Verderop langs het strand hebben de duinen, zo lijkt het, te lijden van de harde wind. Al was het alleen al door een zee die door wind en getij veel hoger op het strand komt dan normaal. Vanaf het strand bezien lijkt het mee te vallen met de hoge golven, maar uit ervaring weet ik dat het met dit weer niet comfortabel is op de Noordzee. Via Windfinder lezen we dat op onze ondiepe Noordzee toch ook golfhoogtes van 5 à 6 meter gehaald worden.
Het is prachtig langs het strand en als altijd geeft het wijdse zicht een verlangend gevoel. Verlangen naar tijd en ruimte, naar overzichtelijkheid, naar eenvoud.

Hoe houdt onze boot zich in dit weer op haar plekje in de jachthaven van Andijk? Het ontbreekt ons (lees: Coos) aan tijd om “even” op en neer naar Andijk te rijden, maar een telefoontje naar de havenmeesters in Andijk vertelt ons dat de SeaMotions er prima bij ligt. Er is feitelijk ook weinig dat kapot kan waaien; de zeilen en de bimini zijn tenslotte opgeruimd.

Tegen de tijd dat het zaterdag 10 december is, zijn de elementen enigszins gekalmeerd en is het prachtig, zelfs zonnig, weer om Midwinterduinloop in Egmond-Binnen te lopen, van oudsher de trainingsloop voor de Kwart en Halve Marathon van Egmond (8 januari 2012). Loopmaatje Agnes en ik lopen een vlak schema en hebben de laatste 1,5km nog energie over voor een versnelling. Een heuse eindsprint behoort zelfs tot onze mogelijkheden. Ons horloge vertelt dat we er ongeveer 1uur35 over gedaan. Voor ons een prima tijd.

Op maandagmiddag heb ik een woeste storm in mijn hoofd, van boosheid dan. Aan het begin van de middag word ik voor 5 meter fietsen in (wandel)winkelstraat van Alkmaar bekeurd: 40 euro boete! Hoewel de politie-agente het recht en de wet aan haar zijde heeft, voelt het heel onrechtvaardig een bekeuring voor zoiets te krijgen, temeer daar er zo goed als geen winkelend publiek was. Ze had me bijv. ook kunnen waarschuwen… Welnu, de recessie is sinds deze week officieel een feit en ook de gemeente Alkmaar moet aan haar inkomsten denken.
De andere aanleiding voor de woeste storm in mijn hoofd is het gegeven dat mijn wasmachine zijn diensten staakt en mij slechts Foutmelding 4 laat zien. Het internet (LANG LEVE HET INTERNET!) vertelt me vervolgens dat het om versleten koolborstels gaat. Ach, mijn Siemens is minstens 15 jaar oud, dus bij die diagnose kan ik mij wel iets voorstellen. Via YouTube leren we ’s avonds van een Duitse wasmachinefreak hoe we deze koolborstels kunnen vervangen (LANG LEVE HET INTERNET!). En laat in Alkmaar nu toch een winkeltje zitten die dit soort artikelen gewoon op voorraad heeft!! Oftewel, 24 uur na de diagnose draait mijn Siemens weer als een zonnetje!

In de nacht van maandag (12/12) op dinsdag gaat er weer een korte storm over ons heen en voor morgen (15/12) wordt –in de kustprovincies- windkracht 7/8 voorspeld.
Werd Nederland vorig jaar in deze maand geteisterd door sneeuw. In december 2011 is het de beurt aan de … wind!!

vrijdag 2 december 2011

...de mooiste schade?!

In het kader van “proper preparation” voor de horrorwinter die de Duitse klimatologen voorspellen, rijd ik op zaterdagmiddag met de auto naar de Aldi in Alkmaar. Ter hoogte van de Kennemerstraatweg heb ik al spijt van mijn onderneming, want het is hartstikke druk op de weg. Waarom moet ik perse op zaterdagmiddag een antivriesvoorruitbeschermer willen kopen? Enfin, het point of no return is gepasseerd, keren gaat niet meer en dus laat ik mij met de stroom auto’s in een langzaam gangetje naar de Aldi rollen. Bij de Aldi, gelegen in een weinig inspirerende woonwijk, hoef ik gelukkig niet lang te zoeken naar een parkeerplaats. Gewoon “fileparkeren” in de wijk. Welnu, laat dat “gewoon” maar weg, want ik zie een betonnen paaltje over het hoofd wat resulteert in een luid schrapend geluid aan de zijkant van auto …. In de hoop dat niemand op straat het geluid gehoord heeft, stap ik zo relaxed mogelijk uit om te kijken wat het resultaat is van dat onheilspellende geluid. Ter hoogte van mijn rechtervoorwiel/rechtervoordeur zit een kras ter grootte van twee schuursponsjes. Djeezus, voor de 1e keer in ruim 20 jaar rijbewijs, rij ik schade aan mijn auto! En nu is mijn auto wel een barrel, maar toch ….. Dat onbestemde gevoel dat ik had toen ik 1 minuut onderweg was, was dus niet voor niets!!! Zwaar sjacherijnig en behoorlijk gedesillusioneerd stap ik weer in mijn auto en rij naar huis. Zonder ook maar de Aldi te zijn ingelopen, daar heb ik nu helemaal geen zin meer in. Het moet voorlopig maar niet gaan vriezen.

In het kader van leuk, gezellig en ik maak me niet druk staat op woensdagmiddag een trip naar Leeuwarden op de agenda. Sil is namelijk uitgenodigd op het verjaardagsfeestje van Maren, zijn vriendinnetje van de Seaquest. Jawel, de de Graafjes zijn voor een aantal weken neergestreken in een vakantiehuisje aan het Snekermeer alvorens zij hun wereldreis naar de andere kant van de wereld vervolgen. En Maren viert haar verjaardag in het voor 6- en 7-jarigen tot de verbeelding sprekende “Monkey Town”. We verheugen ons op een weerzien en maken geen punt van de 1,5 uur autorit (enkele reis).
Als ik even voor 12 uur op het fietsje stap om Sil uit school te halen, registreer ik met mijn rechteroog in de goot aan de overkant van de straat een kapot gereden autospiegel ... Automatisch draai ik mijn hoofd linksachterom richting mijn geparkeerde auto en wat ik al vrees, wordt bevestigd. Die kapotte spiegel hoort bij mijn buitenspiegel. Het frame (“huis”) van mijn buitenspiegel zit, weliswaar helemaal omgeklapt, nog wel aan mijn auto, maar de spiegel is dus in 1001 stukjes … En natuurlijk zit er geen briefje achter mijn ruitenwisser met de gegevens van degene die verantwoordelijk is voor deze schade. Een beetje jammer.
Enfin, zonder buitenspiegel naar Leeuwarden rijden, is een beetje lastig en zelfs strafbaar, maar ik heb geen reserve-exemplaar in la, kast of schuur liggen. Er moet ouderwets geMcGyverd worden en gelukkig krijg ik daarbij hulp van Coos. Een make-up spiegeltje blijkt echt te klein en helaas hebben we geen tegelplakspiegeltje in de schuurvoorraad. Uiteindelijk halen we een ooit door Tico voor Moederdag gegipst en gemozaiekt spiegeltje van het toilet en slopen het vierkante spiegeltje eraf. Met duktape plakt Coos dit in het “huis” van de buitenspiegel en daarmee heb ik tenminste iets en dat is altijd meer dan niets.

Iets later dan gepland gaan Sil en ik op weg naar Leeuwarden! We scheuren door het prachtige Noord-Hollandse landschap, houden verplicht halt bij de Lorenzsluis, omdat een binnenvaartschip van zout naar zoet water gaat en maken wat verloren tijd goed op de Afsluitdijk. Aangekomen bij de stadsgrens van Leeuwarden pak ik de iPhone erbij voor het preciezere navigatiewerk. Ik verkeer in de veronderstelling dat ik thuis al het adres van Monkey Town erl in gezet heb. Niets blijkt minder waar als ik downtown Leeuwarden klemvast kom te zitten. Ik bevind me op een smal grachtje achter een vrachtwagen die net stopt om te gaan laden en lossen… Achteruit rijden is onmogelijk want er staan direct zo’n 6 auto’s achter mij. De bestuurder van auto nr. 3 stapt na 10 minuten wachten furieus op de vrachtwagenchauffeur af en maakt op straat enorm veel stampij. Het gaat er zo woest aan toe dat ik even vrees dat ze zelfs met elkaar op de vuist gaan. Gelukkig komt het niet zover, maar deze woordenwisseling heeft wel 5 minuten extra vertraging opgeleverd. Na ruim 20 minuten wachten kan ik eindelijk mijn weg vervolgen. Met het juiste adres in de iPhone hoef ik alleen maar het “blauwe spoor” te volgen. 50 minuten later dan gepland, arriveren Sil en ik dan eindelijk bij Monkey Town. Het weerzien tussen Maren en Sil verloopt vanuit een volstrekte vanzelfsprekend; er worden niet teveel woorden aan vuil gemaakt. Het weerzien met Huib-Jan en Jannet is eveneens heel vertrouwd, alsof het gisteren was dat we elkaar nog gezien en gesproken hebben.

Een kinderfeestje in Monkey Town (bij ons in de buurt heet zo’n uitspanning Ballorig, de Goudvis of Holle Bolle Boom) is misschien niet heel creatief, maar zeker wel buitengewoon relaxed voor de ouders. En het allerbelangrijkste: de kinderen hebben zoveel plezier met elkaar in de reuze ballenbak, op de brede glijbaan, op de springkussens. Als in de namiddag hun feestmaaltijd –friet met een kroket of frikadel- geserveerd wordt, hebben ze eigenlijk geen tijd (en rust) om te eten. Er moet hartstochtelijk gespeeld worden. Om half 6 wordt de aankondiging dat Monkey Town gaat sluiten nog net niet door het personeel omgeroepen, maar tegen die tijd zijn we wel de laatsten in de speeltuin. Tijd om te gaan, temeer daar Sil en ik nog 125km moeten rijden alvorens we thuis zijn.

Op donderdag staat avondje Culinair en Cultuur in Amsterdam op de agenda, met de compagnons van Coos en hun vrouwen. Ik reis heel relaxed met de trein en ontmoet Coos in Amsterdam. Het voelt als jaren geleden dat ik “in de grote stad” ben geweest. Buiten het Centraal Station ruikt het nog net als vroeger: flarden wietlucht slingeren langs mijn neus en een bonte mengeling van mensen trekt aan mij voorbij. Het toeval wil dat Coos, die uit Amersfoort is komen rijden, zich, exact op het moment dat ik op het stationsplein loop, met zijn bolide bij ditzelfde stationsplein bevindt. Ik kan dus direct in een privétaxi stappen. Alvorens ik instap, denk ik nog even dat ik me in de auto vergis. Op de passagierskant zit namelijk een hele grote kras, een soort “stempel” zo groot als wel 4 schuursponsjes. Toch is het Coos en wat blijkt … hij heeft een intieme ontmoeting met een grote, vierkante betonnen paal gehad in de parkeergarage van kantoor. Een paal waar hij alle dagen, jaar in-jaar uit, rechts van parkeert en net vanochtend eens aan de linkerkant is gaan staan. En dat was hij even vergeten toen hij einde dag het parkeervak wilde verlaten …

Kortom, het een pure pechweek voor onze auto’s.

De culinaire en culturele avond is leuk. We eten Indiaas in de Regulierdwarsstraat en genieten van de nieuwste voorstelling van Kasper van Kooten “Het wonderlijke leven van Jackie Fontanel”. Dit is een zgn. “cabaroman”, oftewel hij heeft zijn eerste zelfgeschreven roman in een onderhoudend, beweeglijk en muzikaal cabaretprogramma gegoten. Het gaat over thema’s die ons bijzonder aanspreken: dromen en daden, genieten van elke dag! Het intieme karakter van De Kleine Komedie maakt het mooie verhaal over Opa Kits en zijn kleinzoon des te specialer. Een aanrader!!
Vandaag eindig ik met de woorden van de opa Kits: deze theatervoorstelling was de leukste en mooiste theateravond in mijn leven.

woensdag 23 november 2011

iCloud of wolkenwereld

Al ruim een week leven we ons leven in een wolk. Geen spreekwoordelijke roze wolk, want nee, we verwachten geen baby. Ook geen spreekwoordelijke donderwolk, want nee, we zijn nog immer het toonbeeld van harmonie. Nee, al ruim een week hangt er boven Heiloo (en andere delen van Nederland) een dikke mist die maar niet wil verdwijnen. En al naar gelang die wolk dunner of dikker is, is het winters fris resp. gemeen koud. Slechts een incidentele keer lukt het de zon om met haar warmtestralen door de dikke plak grijze lucht heen te breken.
Als we naar buiten “moeten, gaan we winters ingepakt: handschoenen aan en muts op. Brrrrrr en dan denk ik nog maar weer eens met wee gemoed terug aan die zonnige, warme dagen in den vreemde ….

Een bijverschijnsel van winterse kou is “verkoudheid”. En zo’n verkoudheid bezorgt mij een zeer dichte mist in mijn hoofd. Laatstgenoemde van het snot dat zich nestelt in alle holtes die mijn hoofd rijk is. Ik verzet geen stap zonder zakdoek, neusspray en labello. En dat het een serieuze verkoudheid is, blijkt wel uit het feit dat ik geen enkele behoefte heb aan hardlopen: de graadmeter hoe het met mij gaat. Daar kan geen thermometer tegenop.

Ondanks de wolkenwereld buiten en die in mijn hoofd, gaat het leven gewoon door. Sint Maarten heeft plaatsgemaakt voor een andere Sint, namelijk Sint Nicolaas, de goedheilig man die op 5 december zijn verjaardag viert. En dat terwijl die man helemaal niet jarig is op die dag. Integendeel, het zit heel anders. Op 6 december, 340 jaar na Christus, is priester Nicolaas gestorven en na zijn dood is hij heilig verklaard. Later, in de 13e eeuw, werd Sint Nicolaas opeens de meest aanbeden Heilige en patroon. Een “patroon” wil zeggen beschermer van scholieren, huwbare jeugd, kooplieden, zeelieden en reizigers. Enfin, om die reden kregen de dag voor zijn sterfdag bepaalde arme kindjes voedsel en geschenken, meestal schoenen. Weer veel later werden alle arme kindjes getrakteerd. Toen is de traditie van Sint Nicolaas een volkstraditie geworden. Nu, eeuwen later, zijn er in Nederland eigenlijk geen echte arme kindjes meer, maar vieren we St. Nicolaas -in de volksmond Sinterklaas- nog steeds.
Ondanks een Europese en een financiële crisis worden vandaag de dag -in de aanloop naar 5 december- recordaantallen pinbetalingen gehaald, bijv. 10 miljoen euro aan pinbetalingen op zaterdag 19 november jl. en de verwachting dat 11miljoen euro aan pinbetalingen overtroffen wordt daags voor 5 december. En hier zijn de online-aankopen niet in meegerekend! De heren economen zijn hier vast wel blij mee vanuit de gedachte “geld moet rollen”.

Een jaar geleden is de hysterie rondom het Sinterklaasfeest geheel aan ons voorbij gegaan. Geen brievenbussen vol “prikkelende” folders, geen “koop mij” vragende pepernootzakken, geen calorierijke chocoladeletters, geen schoen bij de schoorsteen. Gelukkig is Sinterklaas toen niet geheel aan ons voorbij gevaren. Dagen na zijn officiële verjaardag kwam hij, terwijl wij al minstens 500 mijl uit de kust van de Kaap Verdische Eilanden waren op weg naar de Carieb, in de donkere nacht met zijn stoomboot langszij om een zak met verrassingen op het dek van de SeaMotions te slingeren. Wat een verrassing en wat een feest was dat.

Dit jaar doen we wel 100% mee met de Sinterklaasgekte. Elke dag bijvoorbeeld piept mijn telefoon 5 minuten voordat het Sinterklaasjournaal begint. En Tico en Sil heben al post van Sinterklaas ontvangen: niet de vlag van Sinterklaas, maar wel een ansichtkaart. De jongens hebben hun verlanglijstjes via hun schoen bij Sinterklaas laten bezorgen. Op de piano klinkt elke dag “Sinterklaas Kapoentje” en “Zie ginds komt de stoomboot”. En met de iPad in de hand kunnen we ook de tekst van “Hoor wie klopt daar” en “Hoor de wind waait door de bomen” meezingen. Natuurlijk weet Sinterklaas deze muzikale ijver te waarderen en vinden de jongens af en toe een kleinigheidje in hun schoen. We werken toe naar een heuse Sintclimax!
En daarna kunnen we direct doorpakken naar de volgende Sint, Sint Santa Claus.

vrijdag 11 november 2011

Een goed moment voor een nieuw begin: 11-11-11

In 2011 zijn (waren) er een aantal bijzondere data: 1-1-2011, 11-1-2011, 1-11-2011 en vandaag, 11-11-2011!! Wat een prachtige datum.
Over de hele wereld wordt de 11e van de 11e van de 11e aangegrepen om iets bijzonders te doen, vooral trouwen! Onze eigen Jan Smit is vandaag getrouwd, op St. Maarten. En in Shanghai zijn vandaag 5000 bruidsparen in het huwelijk getreden. Volgens een feng shui geleerde heeft de symboliek van alle “1-en” namelijk alles te maken met  “een nieuw begin”.
Ik heb naar aanleiding daarvan eens nagedacht of ik vandaag met iets nieuws begin of ben begonnen, maar helaas, vooralsnog lijkt dat op mijn mini-microniveau (nog?) niet op te gaan. Geen nieuwe voornemens, geen goddelijke inspiratie als start voor een nieuwe hobby, geen nieuwe tekens van “boven” waar ik heen wil met mijn leven. En ook geen nieuw huwelijk of het opnieuw bezegelen van onze huwelijksgeloften (sorry, geen feestje).

Ons hier en nu beweegt zich rond St. Maarten, een feest dat –in elk geval- Noord-Holland volop gevierd wordt door de basisschoolleerlingen. Over de herkomst van het langs de deuren gaan met lampionnen, een liedje zingen en daarvoor een snoepje krijgen, zijn de professionele meningen verdeeld.  Maar, sinds Tico en Sil op een katholieke school zitten, houden we ons maar vast aan de goedgevige ridder Maarten die de helft van zijn mantel aan een arme bedelaar schonk en zichzelf daarna “ontridderde” en zich voortaan wijdde aan het christelijk geloof en het credo “heb uw naasten lief”. Na zijn overlijden (op de 11e dag van de 11e maand) werd hij heilig verklaard en was het vanaf dat moment op 11 november Sint Maarten. De dag wordt sinds jaar en dag door de jongste –Nederlandse- jeugd aangegrepen voor “gelegitimeerd bedelen”.
Vorig jaar op de 11e van de 11e liepen we samen met Spaans/Duitse kindjes en onze zelfgeknutselde lampionnen met waxinelichtjes een rondje door een park in San Sebastian (La Gomera) en werd het gezang, tot grote desillusie van onze jongens, niet beloond met de snoepjes of andere lekkernijen. Vanavond dus in the rebound! En wie weet welk onverwacht nieuw begin ons morgenochtend te wachten staat. Waarschijnlijk gewoon het begin van een nieuwe dag.