Globale reisplanning

Wij, de familie Keijser, hebben van 2010 tot 2011 met onze catamaran SeaMotions, voor een jaar een ' rondje Atlantic' gevaren. We koesteren onze herinneringen in ons dit digitale "book of memories". Daarna ben ik doorgegaan met het zo nu en dan vastleggen van het wel en wee van ons leven op land.







zondag 3 april 2011

Walk-a-thon Bonaire!

Ergens rond 1634 veroveren de Nederlanders de eilanden Aruba, Bonaire en Curacao van de Spanjaarden. Waar de Spanjaarden over Bonaire spreken als een “nutteloos eiland”, is het Nederlands belang daarentegen groot. Met name vanwege de zoutwinning. Zout is cruciaal voor de florerende “gezouten” haringhandel. Voor dit werk worden door de Nederlanders volop uit Afrika geïmporteerde slaven ingezet; deze werken 6 dagen per week van zonsopgang tot zonsondergang in de brandende zon. De nacht brengen de slaven in slavenhutjes bij de zoutpannen door, een lemen hut niet groter dan een gemiddeld hondenhok. Op de 7e dag hebben de slaven een vrije dag en mogen ze “naar huis”, in Rincon. Een wandeltocht van een minstens 6 uur, enkele reis….  

En deze wandeltocht hebben Tico en ik (Martine) vandaag ook afgelegd…. In het kader van een sponsorloop om geld in te zamelen voor de Special Games, de Olympische Spelen voor Gehandicapten, organiseert de lokale gehandicaptenzorg jaarlijks de Walk-a-thon Bonaire! Nog geen 24 uur geleden worden we door Johan overgehaald hier aan mee te doen. In een vlaag van verstandsverbijstering en niet vies van een uitdaging zeggen Tico en ik JA om de zondag te beginnen met minstens 30 kilometer - JA, 30 KILOMETER!! - wandelen. Door een uit de hand gelopen grap loopt Johan deze wandeltocht -als manager van het tuincentrum Green Label- dit keer voor de 3e met een kruiwagen met palmboom. Johan’s zoon Yorick (8 jaar) loopt voor de 1e keer mee.

Als de wekker vanochtend om 04.00 uur gaat, heb ik direct spijt van deze onbesuisde actie, maar om half 5 zitten we dan toch –in sponsorshirt- bij Johan in de auto en rijden we naar het startpunt net voorbij Pink Beach. Om 05.00 uur gaan zo’n 150 mensen van start: het merendeel op de fiets en zo’n 50 mensen wandelend. Het is pikkedonker. Stiekem heb ik bedacht dat Tico en ik het gewoon volhouden tot zo’n 15km. Dat is precies tot op de boulevard van Kralendijk waar onze boot ligt, en dan stappen we uit.

We lopen een vlakke 5 kilometer per uur; net als bij mijn Heiloose hardloopclubje ben ik weer de vrouw met de klok. Elke 5 km staat er een bescheiden waterpost met gesponsorde krentenbollen, sinaasappelen en watermeloen. Heerlijk. En de organisatie faciliteert een mobiel toilet: op een aanhangwagen achter een pick-up staat het eco-toilet. Als de laatste loper voorbij de waterpost is, rijdt de mobiele plee naar de volgende koek en zopie. Dat is handig!!!

Als we na 3 uur stevig doorstappen –Johan nog immer blij achter de kruiwagen- bij de boulevard aankomen, worden we door Coos en Sil verwend op cola en muffins met slagroom. We zijn dan halverwege en zowel Tico als ik denken niet meer aan uitstappen; dat is onze eer te na. Ook al beginnen de voeten zeer te doen en kraakt het in de scharnierende delen. Yorick stapt bij 17 km voor een paar kilometer in de bezemwagen en haakt een uurtje later weer bij ons aan. Tico blijft aan mijn zijde stug doorstappen.  Na 4 uur passeren we het 20km punt (1000 steps); inmiddels heeft de ochtendbewolking plaatsgemaakt voor de zon en is het uit de wind minstens 35 graden. Pfffff, dit moeten we nog 2 uur volhouden …. Vlak voor de 25 kilometer passage (ter hoogte van Karpata) wordt Coos gebeld om Yorick te komen oppikken; hij heeft als 8-jarige een meer dan geweldige prestatie geleverd maar die laatste kilometers, vanaf het punt waar we rechtsaf slaan en bergopwaarts moeten, doet hij gezeten op de acherbank van onze huurauto.
Tico kiest ervoor niet voor zijn moeder onder te doen en samen gaan we berg op. Johan krijgt de man met de hamer op bezoek: die kruiwagen –die hij al 25km voortduwt- is berg-op wel erg zwaar aan het worden. Helaas voor Johan zijn Tico, Sandra (een collega van Johan) en ik weinig solidair meer: onze benen moeten in een vaste cadans blijven lopen, mogen niet stoppen, want dan schiet de boel op slot.
Coos, fris en fruitig, zet de auto in de berm en neemt de kruiwagen een paar honderd meter over van Johan, tot aan de bergtop. Als we bovenop de berg zijn, zien we Rincon, de finish, in de verte: het horloge vertelt dat we nog krap een half uur te gaan hebben. We gaan inmiddels heuvel-af en dat is haast nog zwaarder dan heuvel-op … Tico heeft zere billen en mijn voeten staan op ontploffen en voelen opgezwollen. Ik weet zeker dat ik enorme blaren heb … Even wordt Tico getriggerd om alsnog bij Coos in de auto te stappen, maar Sandra en ik weten hem hiervan te weerhouden. Als je als 11-jarige zover gekomen bent, dan kun je die laatste kilometer ook nog wel afzien. En aldus geschiedt. Om 11.00 uur, 6 uur na de start, finishen we bij de lagere school van Rincon. En iets na ons volgt ook Johan, achter zijn kruiwagen met palmboom.

Eindelijk mogen de vermoeide lijven neerzijgen op een bankje. En eindelijk mogen die verdomde schoenen uit. Tico haalt de finish blaarloos, zo blijkt. Maar de blaren op de zijkanten van mijn beide hielen zijn zo groot als kievitseieren. Wat is wijsheid: laten indrogen of doorprikken? Voorlopig doe ik bij die lagere school helemaal niets behalve genieten van een volvette cola en een Bonairiaanse lunch.

Thuisgekomen gaan eerst even afkoelen in het water, zeg maar een zwemmende cooling down. Dat gaat op zich nog best wel soepel. Maar als we even later weer gewoon zitten, zakt de pap met bakken in de benen. Tico ligt voor jaffa op zijn bed te lezen en ik schuif horizontaal op de kuipbank. Ik ben heel benieuwd of en hoe wij morgenochtend uit ons bed gaan komen. Maar ook denk ik nog een keer aan die slaven van toen: zij liepen dit elke zaterdagavond (van de zoutpannen naar Rincon) na 6 dagen van zonsopgang tot zonsondergang keihard werken in de brandende zon.  En op zondagavond moesten ze dan weer terug. Dat was pas vermoeiend!

Maar, we leven in het NU. En nu is Tico onze held van de dag, hij heeft 30 kilometer zonder zeuren en klagen, op wilskracht, op karakter uitgelopen!!! Chapeau Tico, je mag hartstikke trots op jezelf zijn. Wij zijn dat zeker op jou!!





zaterdag 2 april 2011

BBQ-en en de Donkey Sanctuary

Het lijkt elke vrijdag wel feest. Zo zitten we vrijdag 25 maart jl. aan de BBQ bij het jarige petekind van mijn zus (en zwager) Elyn (en Nico). Zij woont sinds ruim een maand op Bonaire; haar vader is een van de vijf vanuit Nederland ingevlogen rechercheurs die een nieuw team vormen om de georganiseerde en grensoverschrijdende misdaad op en rondom het eiland te bestrijden. Jarige Kim (15 jaar geworden), Casper en Bianca wonen in een sfeervolle Bonairiaanse villa en genieten volop van deze “emigratie”. Hond Speedy (een grote, jonge, speelse Mechelse herder) is ook meegekomen uit Nederland en dat is voor Tico nog wel even spannend. Ondanks dat Bianca Tico probeert te overtuigen dat deze hond echt niets doet en echt heel lief voor is kinderen, zit die hondenaanval- en beet op Tobago nog vers in Tico’s geheugen. De angst overheerst de rede en gelukkig voor Tico doet Bianca Speedy even in de slaapkamer (als ze aan het zwemmen zijn) en daarna aan korte riem aan de tafelpoot. De kinderen duiken het zwembad in en ik ben zo brutaal het aangename met het nuttige te verenigen…. Ik kom nl. op bezoek met 2 tassen vuil wasgoed, haha. Dus als snel snort de wasmachine (Bianca, nogmaals dank je wel!). We smikkelen van het geroosterde vlees, de satesaus, het stokbrood, de kruidenboter (het is net Holland!) en hebben het gezellig.

Vrijdag 1 april (geen grap) zitten we wederom aan de BBQ maar dan aan Kaya Mazurka bij Jolanda. Johan, Esther en kids haken ook aan. Als verrassing voor Tico heeft Jolanda alles in huis om Pina Colada Virgin te maken. Heerlijk!!! Daarnaast heeft ze verse dorade en maakt ze barracuda-vispakketjes (barracuda-filet, bosuitjes, limoensap, tomaatjes in folie-pakketje) gemaakt; deze laatste smaken overheerlijk. De kinderen (7 stuks) knagen op een kippenvleugeltje en hebben pret voor 10!. Johan weet ontzettend veel te vertellen over Bonaire, allemaal weetjes die je niet in een folder of reisgids zult lezen. Wist je bijvoorbeeld dat in de  6e nacht na volle maan in september van elk jaar, tussen 22.00 en 22.15 uur, het koraal zijn eitjes in grote getallen uitspuugt, honderden-duizenden kleine, witte balletjes?! Dat noemen ze “coral spawning”. En echt alleen dan gebeurt het; we hebben fantastische foto’s hiervan gezien op het internet (voor de belangstellende: zie http://www.bonairetalk.com/ en dan even doorzoeken).
Kortom, wederom een hele gezellige avond.
                                                                                                                                                                                          
De dag hiervoor, op de laatste dag van maart, gaan we naar de ezelopvang. Op het eiland zwerven heel veel ezels: in vroeger dagen hadden deze dieren een belangrijke functie, maar sinds de komst van de auto’s en vrachtwagens zijn zij werkloos en aan hun lot overgelaten. Zij planten zich voort in het wild en eten dat wat het eiland biedt en overleven in deze droge natuur. Maar het worden er ook steeds meer. Een idealistische vrouw heeft jaren geleden gemeend er goed aan te doen alle ezels (schatting 150 stuks) in een ezelopvang te plaatsen. Doel: geen overbegrazing van het eiland, geen -al dan niet opzettelijke- aanrijdingen (i.v.m. verzekeringsuitkering) met ezels, geen dierenmishandeling (bijv. misbruik ezels bij hondengevechten). Een intensieve lobby bij het bestuur van Bonaire leidt ertoe dat ze een stuk grond toegewezen krijgt. Zij voorziet dit van een omheining en ze vangt zo’n 300 ezels. Dat is iets meer dan haar geschatte 150 stuks, het zijn bij lange na nog niet alle wilde ezels (schattingen lopen uiteen van 120 – 300 resterende loslopende ezels) en de opvang is meer dan vol. Ze draait op subsidie (vanuit Nederland) en giften van dierenliefhebbers en bezoekers van de opvang.
Met de auto rijden we een rondje door het ezelpark; de ezels zijn tam, brutaal, grappig en ogen zo schattig met hun grote oren. Ze steken om de haverklap hun kop door het open raam in de hoop wat lekkers te krijgen. We lunchen op een picknickplek; deze is omheind door grote rotsblokken opdat de ezels je het brood niet uit de hand eten. Als het voedertijd is op de voederplek zien we minstens 200 ezels duwen, trekken, schoppen en bijten om maar het beste plekje bij de voederbakken te bemachtigen. De ezelverzorgster, een stagiaire uit Nederland, loopt er ongemoederd tussen door. In een ander veldje ooh-en en aah-en we bij een ezelveulentje van 3,5 week oud: zo klein, zo zacht, zo schattig. Sil vindt het allemaal geweldig. En Tico doet een belangrijke ontdekking: hij wordt later geen dierenverzorger. Te vies, te zwaar, te stoffig werk. Daar ga je maar van stinken en zweten. OK, dit zijn niet zijn letterlijke woorden, maar daar komt het wel ongeveer op neer, haha.
Als we wegrijden bij de ezels, stellen we ons hardop de vraag of deze hele ezeloperatie met veel geld vanuit Nederland wel heeft opgeleverd waarvoor het geld bedoeld was: geen loslopende ezels meer op het eiland. Het antwoord daarop is simpel en kort: nee!! Er bleken destijds meer ezels in het wild te lopen dan vooraf geschat. Met 400 ezels is de ezelopvang bomvol en de resterende loslopende ezels planten zich vrolijk voort. Conclusie: er zijn nu 2x zoveel ezels op het eiland als voor het bestaan van de ezelopvang.
Vanuit de lokale bevolking klinken er (ook) kritische geluiden ten aanzien van deze opvang. Kan het geld dat er –ook vanuit Nederland- ingestoken wordt niet beter/anders besteed worden? Er zijn zoveel andere issues op het eiland waar geen of onvoldoende geld voor vrijgemaakt wordt, maar wat misschien wel belangrijker is dan al die ezels: onderwijs, drugsgebruik onder jongeren, huiselijk geweld, incest….??!! Het blijkt een lastige discussie en zij met de langste adem trekken vermoedelijjk aan het langste eind….

PS: er zijn weer nieuwe foto's toegevoegd aan het Bonaire webalbum!

woensdag 30 maart 2011

Woensdag - wasdag!

Woensdag – Wasdag!!

En dus vertrekken wij vanochtend met 2 volle boodschappentassen met vuile was richting het thuis van Jolanda (en huis van Ben en Riny) aan de Kaya Mazurka, alwaar wij ongebreideld gebruik mogen maken van wasmachine en draadloos internet (Jolanda, dank je wel! We zijn hier heel blij mee!). In het huisje zijn de taken al snel verdeeld. Tico duikt achter zijn laptop en kan voor het eerst sinds tijden weer eens volop Hyves-en (schrijf je dat zo?) met klasgenoten uit Nederland. Coos duikt achter de andere laptop en stoeit wat met weerberichten, apps voor de iPhone en we skypen met de Seaquest en Elyn. Sil gaat oefenen op de ripstick (bij ons heet dat een waveboard) en ik? Ik doe de was. En ik maak van de gelegenheid gebruik om eens wat foto’s van het huis aan de Kaya Mazurka te maken. Deze foto’s staan nu online, toegevoegd in het webalbum Bonaire!

 

Halverwege de middag gaan we met schone en zo goed als droge was richting Pink Beach om te gaan snorkelen. We moeten een flink eind zwemmen om bij de “drop off” te komen. Daar zien we vooral veel kleine, gekleurde vissen en wat waaierachtig koraal, maar de eerlijkheid gebiedt ons te zeggen dat het niet spectaculair is. Sil doet ondertussen “research” in de kleine plasjes op het droge rif. Hij vangt in een glazen (doperwten)potje een zandvisje en probeert vervolgens ook nog een vriendje te vangen. Later ontdekken Tico en Sil een kleine moreen in zo’n klein plasje op het droge rif. Hoe klein of groot een moreen ook is, als hij zijn kop uit zijn hol steekt, doet hij dat met de bek dreigend open. Tico peutert met zijn “swiss army knife” een slak uit een schelpje en jawel, daarvoor wil het moreentje wel iets verder uit zijn hol komen. Leuk hoor, de wondere onderwaterwereld.

 

Kijk en geniet van de foto’s!

 

 

dinsdag 29 maart 2011

Windsurfen, optimistje en snorkelen in het donker!

Tico heeft de smaak van windsurfen te pakken, bij Coos kriebelt het ook en dus spenderen we zaterdag- en zondagmiddag bij Sorobon. Het water in deze lagune aan de ruwe kant van het eiland is grotendeels dijbeendiep, heeft vlak water omdat het achter een rif ligt en ligt wel vol in de wind. Oftewel, ideale omstandigheden om te windsurfen. Tico gaat –met vallen en opstaan- al snel als een speer en van Coos zien we elke keer dat we kijken alleen een schim voorbij vliegen. Hij kan nog goed meekomen met de jonkies. Er zijn daar windsurfdudes die 365 dagen van het jaar niet anders doen dan windsurfen en dat is te zien in alle geweldige kunsten die ze met zeil en plank uithalen: achterstevoren, ondersteboven gijpen en dan de plank tegengesteld draaien. Of zoiets dergelijks, want veelal gaat het te snel om nu werkelijk te zien wat en hoe ze hun kunsten uitvoeren. Het is erg relaxed bij de strandtent met vooral “lokale” Nederlanders die weekend vieren en waar een deejay en saxofonist het geheel muzikaal opluisteren.

Sinds een dag of wat ligt de Hobbie, een Optimistje, van Johan achter onze boot te dobberen. We vinden het geweldig aardig (Johan bedankt!) dat wij dit bootje mogen lenen van hem en elke dag wordt er wel even een stukje mee gezeild door Tico, danwel Coos. De grootste man heeft in het kleinste boot misschien nog wel het meeste plezier. Vooral als hij dicht langs de kust tussen een aantal dolfijnen belandt, die vervolgens een heel stuk met hem mee zwemmen. Sil gaat ook nog een stukje met Coos mee in het zeilbootje, maar hij vindt het al snel te schuin gaan.


We hebben we gesnorkeld bij de meest zuidwestelijke punt van het eiland. Via een dirt road zijn we om de Bopec heen gereden en komen we na een half uurtje hobbelen en bobbelen uit bij een klein koraalstrandje. Snorkelend en haast met de adem in om niet met de buik over stenen en koraal te schrapen, vinden we onze weg over het rif en kunnen we weer uitademen. We zien een onderwaterwereld waar in voorgaande jaren grote golven als gevolg van orkanen die verder in het Caribisch gebied woedden, hun verwoestende werk gedaan hebben: dood koraal. Het goede nieuws is dat we jong, nieuw koraal ziet groeien en er wel volop –kleine- visjes rondzwemmen. Helaas stuiten we ook op een “tag” die aangeeft  de lionfish hier gespot is. Deze lionfish is op zich een mooie vis met rondom een soort van uit elkaar staande veren. Hij is niet zo heel groot, maar …… wel zeer giftig en daardoor zeer schadelijk voor de oorspronkelijke rifbewoners. Een soort van terminator zonder natuurlijke vijand. Pas sinds kort (enkele jaren?) houdt deze vis zich ook op rondom Bonaire en wordt dezeh door STINAPA (marine parc beheerders) geharpoeneerd. Maar dat is wel een soort van vechten tegen de bierkaai aangezien deze vis geen natuurlijke vijand heeft,. Een ander steeds vaker voorkomende zeebewoner is de kwal: tijdens het zwemmen/snorkelen voelen we regelmatig tientallen “naalden” ergens op ons lijf prikken. Dit zijn harpoentjes die hij in je lijf slaat. Gelukkig heeft de mens weinig last van zijn gif: het prikt wat, het jeukt wat maar na een uur voel en zie je er meestal niets meer van.
Het is overigens een algemeen verschijnsel dat als gevolg van de wereldwijde megalomane visvangst en de vervuiling van de oceanen steeds meer grote oceaanbewoners verdwijnen of reeds verdwenen zijn. Denk aan dolfijnen, schildpadden, doejongs (soort van zeekoe), haaien, etc.. Dit zijn veelal dieren die zich pas op oudere leeftijd kunnen voortplanten en dan ook nog een lange zwangerschap hebben. Voordat ze geslachtsrijp zijn, zijn ze al gevangen of anderszins verstrikt geraakt/overleden in visnetten of dood gegaan door ziektes. Wat wel overleeft en zich onevenredig snel voortplant, zijn kleine zeebewoners als krabben, kwallen en pijlinktvissen. Johan is een gepassioneerd natuurliefhebber, weet ontzettend veel over Bonaire en haar natuur en zal bovenstaand vast bevestigen. Hij heeft hier bijvoorbeeld, samen met een Amerikaanse wetenschapper, een nieuw soort kwal ontdekt: de Banded Box Jellyfish. En elke 9e nacht na volle maan gaat ie voor onderzoek uit snorkelen om kwallen te spotten en te vangen. Het schijnt zo te zijn dat kwallen juist op de 9e nacht na volle maan actief zijn….?!








Gisteravond zijn Coos en Tico in het donker gaan snorkelen naar het grote betonblok waar onze mooringlijn aan vast zit. In het donker, maar met het licht van een duikzaklamp zien ze onder water andere zeebewoners dan overdag. Denk bijvoorbeeld aan een prachtig mooi gespikkelde moreen die overdag onder zijn rotsblok blijft zitten….. Toevalligerwijs was het ook de 9e nacht na volle maan, maar zij hebben in het relatief ondiepe water rondom de boot geen kwallen gezien (of gevoeld).


maandag 28 maart 2011

Mi dushi Boneiru

Als we op 7 maart arriveren op Bonaire staan Ben en Riny ons toe te zwaaien bij de vuurtoren aan de ruwe kant en worden we even later warm onthaald bij de moorings langs de boulevard in Kralendijk en met elkaar beleven we tussen de dagelijkse “need to do” door vele “nice to do”-momenten. 

Het “need-to-do” bestaat voor Ben en Riny uit klussen aan het huis aan Kaya Mazurka: elke ochtend tussen 6 en 10 uur wordt er door hen hard gewerkt: Riny schildert de voor- en onderkant van de boeidelen rondom het huis opnieuw. Ben timmert van voormalig beton-bekistingshout handige bijtafeltjes en kinderbankjes. De grote parasol achter in de tuin wordt verstevigd en een buitenkast wordt voorzien van vlonder en eenzelfgemaakte, afsluitbare deur. Na een poging van Ben om de wildgroei in de tuin te beteugelen, wordt al snel besloten dat er voor de tuin een rigoreuze make-over nodig is in de vorm van professionele hulp. Zoals al eerder beschreven, doen we op een zaterdagochtend het voorbereidende werk met Jolanda. Gelukkig komt Johan helpen (een vriend van Jolanda) met professioneel gereedschap zoals een bosmaaier en kettingzaag . Aan het eind van de ochtend hebben we een container vol met hout, takken, struiken en andere rotzooi. En is de tuin gereed voor de landscapers van tuinbedrijf Greenlabel.

Na het dagelijks klussen, is er tijd voor “nice to do”. Zo heeft Ben de eerste duikochtend meegedoken met Coos en Tico; op je 73ste nog een discovery (introductie)-duik maken, wauw!! We gaan duiken en snorkelen bij 1000 steps, en Andreas. We gaan meerdere keren aan het einde van de dag een stukje zeilen met prachtige “sun sets” als kado. Tico en Opa Ben hebben de vislijnen uitgezet en vangen bijna 2 kleine bonito’s. Deze –fortuinlijke- vissen weten tot grote frustratie van beiden net voor het binnenhalen van de haak te springen, grrr.
Op zondag (een week geleden) gaan we met Ben en Riny, Jolanda met meisjes en Johan zeilen en doen we een zwem- en snorkelstop bij Klein Bonaire. Dat wordt nog bijna een hachelijk avontuur in verband met lokale Libanezen die in het zwemgedeelte helemaal uit hun dak gaan op een jetski en waarbij snorkelende Ben op een haar na niet gescalpeerd, dan wel onthoofd wordt door dit vreselijke onding. We staan er bij en kijken er naar … en het gaat –goddank- net goed.

Sorobon, een lagune aan de ruwe kant van het eiland, is de plek waar Tico voor de 1e keer gaat windsurfen. Riny en ik chillen en loungen met een Pina Colada in de hand in een ligstoel (ja, ook Riny heeft de Pina Colada ontdekt), terwijl de mannen zich in het water vermaken. We bbq-en relaxed bij het huis van Ben en Riny terwijl ondertussen de wasmachine snort (met dank aan Jolanda) en er op de laptop een mp4-film voor de jongens wordt gedownloaded. We gaan met Ben wrakhout(jes) jutten aan de ruwe kant (leuk voor thuis in Heiloo) en bouwen ondertussen ook terplekke een kunstwerk van aangespoeld materiaal. Als je trouwens ziet wat voor grote boomstammen er hier aanspoelen …. Die drijven dus in deze grote plas (Caribische Zee) en we moeten niet denken aan een close encouter

De laatste avond gaat we met elkaar uiteten. Het 1e keus restaurant (It Rains Fishes) is helaas vol. We wijken uit naar Bistro de Paris aan de achtergelegen straat, maar dat bezoek blijkt van korte duur: we zitten er niet lekker vanwege de muskieten, de prijzen van de (niet bijzondere) gerechten zijn sky high en als klap op de vuurpijl begint het enorm te regenen en lekt het precies daar waar wij zitten. We haken af en gaan op zoek naar een alternatief. We belanden uiteindelijk weer aan de boulevard bij een prima tent, met prima eten tegen prima prijzen voor ons laatste avondmaal. En dan zijn de 3 weken voor Ben en Riny alweer voorbij en brengen wij ze naar het Flamingo Airport. Met een brok in de keel zwaaien we hen uit. Afscheid nemen blijft verdrietig.

PS: er zijn nieuwe foto's toegevoegd aan het webalbum Bonaire

zaterdag 26 maart 2011

Update Bonaire

Voor de trip naar de zuidkust van de Dominicaanse Republiek (pal noord) moet de wind idealiter uit het zuidoosten waaien en in kracht afnemen. Maar voorlopig, volgens de weerkaarten, blaast de tradewind (NO-O wind) dat het een lieve lust is en geeft het nog geen teken “even met vakantie” te gaan. Oftewel, wij liggen nog minstens een week aan onze mooring in Kralendijk. En dat is geen straf, want het leven is relaxed en aangenaam op dit eiland.

 

zondag 20 maart 2011

Hysterische jurkjes en zweten in een tuin

Dinsdag, woensdag en donderdagochtend staan voor Coos en Tico in het teken van hun duikcursus. Naast zelfstudie -er moet door beiden een dik boek worden gelezen en geleerd en daarbij wordt geen onderscheid gemaakt tussen tiener of volwassene- en theorieles, doen ze diverse duiken. De onderwaterlessen bestaan uit meerdere duiken in beschut water (ondiep) en vervolgens in open water (tot maximaal 12 meter diepte). Tijdens deze duiken doen ze allerlei oefeningen die gericht zijn op calamiteiten die voorkomen kunnen worden en wat te doen als er toch een noodsituatie is. Natuurlijk is er tijdens de duiken voldoende tijd en ruimte om zich te verwonderen over de onderwaterwereld en de onwaarschijnlijke helderheid van het water. Op donderdagochtend hebben ze hun examen: 50 vragen …. Tico heeft zich met slechts 1 week tijd en tussen alle sociale activiteiten en tripjes door met een bewonderenswaardige discipline hierop voorbereid. Hij doet het heel goed en slaagt met vlag en wimpel (3 fout). En Coos –uiteraard- ook (0 fout!).

 

Ondertussen zijn ook Candace en Matthew bij ons aan boord. Candace, Sil en ik gaan op een ochtend shoppen in het cosmopolitische Kralendijk (NOT) en vergapen ons bij gebrek aan echt leuke winkels aan de souvenirshops. Uiteindelijk belanden we in een winkeltje waar vooral veel onbeschrijfelijk lelijke kleding en schoenen uitgestald staan. Alles met een hoog 100% polyestergehalte. Uit balorigheid passen we de lelijkste jurkjes en is Sil helemaal in zijn rol van “Yari”. Ook een Amerikaanse toeriste neemt haar rol heel serieus in het beoordelen van onze outfits. Uiteindelijk gaat Candace de deur uit met een nauwsluitend mini-jurkje met diagonale opengewerkte banen en ben ik een half strapless kleurrijk “hartjes” mini-jurk rijker. Voor Coos hebben we een groen setje (blouse en short) met palmbomen en surfplanken meegenomen. We verheugen ons op het dressed-up happy hour later die dag. Tegen de tijd dat het 17.00 uur is, gaan de dames zich verkleden, krijgt Coos zijn kado (arme hij, want hij ontkomt er niet aan zich in dat wanstaltige setje te hijsen), komt de rumpunch uit de ijskast en draaien we het volume van de stereo open. De kinderen aanschouwen dit alles met verbazing en verwondering; ze schamen zich –omdat het zich in besloten kring plaatsvindt- nog net niet voor hun ouders en nemen welwillend foto’s.

 

Donderdagavond gaat Tico lekker solo logeren bij opa en oma en gaan wij overheerlijk uiteten in “It rains fishes”, een prachtig restaurant schuin tegenover onze boot. Het eten smaakt voortreffelijk, het personeel is gastvrij en vriendelijk en de rose laat zich smaken als limonade. Terwijl Matthew ons vertelt over hoe dat in Amerika nu werkt met “boarding school” (een highschool, waar hij ook “woont”) Het is voor ons haast ondenkbaar dat je kind met 14 jaar al “uit huis” gaat, maar in Amerika is dat helemaal niet zo gek. Zijn leven is georganiseerd op deze highschool: leren, wonen, sporten, vriendenkring en hij heeft het er prima naar zijn zin. Sil is ondertussen op mijn schoot in slaap gevallen.

 

Vrijdag gaan we naar Sorobon om te lunchen, relaxen, zwemmen en windsurfen. Als we er aankomen, is het er bomvol met Brazilianen van de cruiseboot; Brazilianen in alle soorten en maten, in grote en kleine bikinietjes. Gelukkig vertrekt zo’n cruiseboot vaak halverwege de middag en na een uurtje vermaak (heerlijk joh, mensen kijken), hebben we uiteindelijk het strand en de ligstoelen voor onszelf. Matthew en Tico hebben voor 2 uurtjes een surfplank gehuurd. Beiden hebben nooit eerder gewindsurfd, maar de planken zijn tegenwoordig zo breed en stabiel dat ze al snel gevoel hebben bij het staan erop en het laten meevoeren door de wind. En ze krijgen natuurlijk handige tips van surfdude Coos. Candace en ik slurpen ondertussen aan de Pina Colada …

’s Avonds schuiven we bij Captain Don’s een pizza naar binnen en rollen we vervolgens bekaf in bed. De wekker staat geprogrammeerd op 04.00 uur … om 05.00 uur staan Candace en Matthew op het vliegveld en nemen we afscheid. Hun vakantie zit er weer op.

 

Tijd om lang te sippen is er niet bij, want er staat een klusdag gepland bij het thuis van Jolanda. De tuin is behoorlijk verwilderd en samen met een vriend van het eiland (Johan) wordt er gemaaid, opgeruimd en voorbereid voor de grondwerker die met een week of wat de boel komt egaliseren, worteldoek neerlegt en diabase stort. Dit alles om ervoor te zorgen dat het fijne, doch onderhoudsarme tuin wordt. We zweten ons rot (het is zo’n 33 graden) en de cola vliegt er door heen, maar het resultaat mag er zijn. Coos en Ben maken zelfs ook nog de erfafscheiding in orde en ik was al het beddengoed en de strandhanddoeken. Een productieve dag aldus. De kinderen blijven vervolgens logeren en wij hebben –voor het eerst sinds 8 maanden- het rijk alleen aan boord. Heerlijk!!