Globale reisplanning

Wij, de familie Keijser, hebben van 2010 tot 2011 met onze catamaran SeaMotions, voor een jaar een ' rondje Atlantic' gevaren. We koesteren onze herinneringen in ons dit digitale "book of memories". Daarna ben ik doorgegaan met het zo nu en dan vastleggen van het wel en wee van ons leven op land.







zondag 31 juli 2011

Overweldigend London!

Wat een bruisende stad, wat ontzettend veel mensen (overal), wat een geweldige “riverside”, wat een winkels, wat een drukte en wat een verrassingen!! Niet alleen zijn Ben en Riny hier voor een paar dagen, maar afgelopen vrijdagmiddag staat ook ineens Inge voor mijn neus! Helemaal gezellig!!

 

To be continued!

 

woensdag 27 juli 2011

London!!

Aangekomen en afgemeerd in St. Katherine’s Dock! Het ziet er geweldig uit. We liggen in het Central Bassin met aan onze linkerhand een Starbucks!!
To be continued!!

dinsdag 26 juli 2011

The Medway, door de ketting ....

Op zondagmiddag varen we onder een mager zonnetje binnendoor naar Queenborough en gaan we linksaf de Medway op. We zien kwelders met zandbanken waar groepen steltlopers hun snavels in de drek steken op zoek naar voedsel. Af en toe zien we een verdwaalde zeehond zijn kop boven water steken of zich op een modderplaat nog eens omdraaien in het zonnetje. Dit natuurschoon wordt her en der ruw verstoord door grote industriele panden met dito rokende schoorstenen of een stinkende mesthoop van een supergrote varkensboer.
 
Na 8 mijl passeren we Gillingham aan ons linkerhand en nog een mijl verder pakken we ter hoogte van Upnor een vrije mooringboei op precies tegenover een lieflijk kasteeltje. Het is exact op deze plek waar 500 jaar geleden onze nationale held Michiel de Ruijter "door de ketting brak", de verdedigingslinie van de Engelsen. Michiel de Ruijter veroverde daarbij het vlaggenschip van de Engelse marine, HMS Charlotte. Door een sterke ebstroom bereikten Michiel en zijn makkers de gewilde Royal Dock Yard niet, de plek waar Engeland al zijn oorlogsschepen bouwde. De Engelsen brachten vervolgens in de rivier -als barricade- vele schepen tot zinken waardoor het Michiel de Ruijter ook bij opkomend tij niet meer lukte de scheepswerf in te nemen.
Als we even later door het kleine dorpje Upnor lopen (120 inwoners) zijn we een ware bezienswaardigheid: een Nederlandse boot en dan ook nog "een grote catamaran"!! Zoiets zien ze niet vaak op de rivier. En het is voor Paul en Jackie Smith, een Engels stel dat ons op straat aanspreekt, reden genoeg om ons uit te nodigen voor "a cup of English Tea at their house". Met uitzicht op de rivier drinken we (zwarte) thee en bewonderen we de koi karpers in hun vijver.
Maandagochtend verken ik -al hardlopend- de overkant van de rivier (Gillingham/Chatham): het ziet er aan de waterkant uit als de muziekwijk van Almere. De binnenstad wordt opgesierd door wat koloniale "laagbouw" en diverse universiteitsgebouwen. Bij de marina rijzen twee grote blauwglazen kantoortorens  uit de grond en even verderop ligt de beroemde Royal Navy Dock Yard, waar tegenwoordig een museum huist (Historic Boatyard Museum). Al met al is het een rare mix.
's Middags gaan we naar het Historic Boatyard Museum. Zonder enige voorkennis verwachten we een uit de hand gelopen hobbymuseum, maar in werkelijkheid blijkt het een geweldig groots opgezet museum op de plek waar vanaf ruim 500 jaar geleden tot 1970 alle Engelse oorlogsschepen werden gebouwd, incl. duikboten. De tentoonstelling over de reddingsboten (Engeland heeft sinds 1824 een uit vrijwilligers bestaande reddingsdienst) is schitterend opgezet. We maken kennis met de wereld van (hulp)materialen ten tijde van de 2e wereldoorlog: amfibie-voortuigen, noodbruggen (pontons), barricade-opruimende tanks, en vrachtwagens met mijnenleggende aanhangwagens.
We krijgen een geanimeerde rondleiding in de nog in gebruik zijnde touwslagerij (Tico maakt een eigen stuk touw!) en we duiken onder in een duikboot. Als je nog niet claustrofobisch bent, dan wordt je het wel in een duikboot uit de jaren 50:  binnen is het krap, benauwd en primitief. Heel interessant, temeer als je weet dat deze specifieke duikboot nog tot 1993 in gebruik was. Vervolgens hollen we door de expositieruimte van Royal Dock Yard en hebben we nog een half uur voor de tentoonstelling over de Titanic. Dan is het sluitingstijd en hebben nog lang niet alles gezien. Welnu, dit museum is een aanrader als je in deze contreien bent.
Dinsdagochtend varen we via de tanksteiger bij Gillingham Marina de Medway af richting Queenborough, onze pitstop voordat we op woensdagochtend met het tij mee naar Londen zullen varen. In Queenborough pakken we een mooringboei op en even later varen we met de dinghy naar de kant om een wandeling door het dorpje te maken. Helaas is Queenborough ongeveer het minst inspirerende dorpje wat we de afgelopen 365 dagen gezien hebben. We hebben er niets van schoonheid kunnen ontdekken en binnen een half uur zitten we weer in de dinghy terug naar onze boot.

zondag 24 juli 2011

Ramsgate en The Swale

Op vrijdagavond rond 21.00 uur meren we aan in de marina van Ramsgate. ’s Nachts spoelt de boot helemaal schoon door een overdadige hoeveelheid regen die naar beneden valt.
Voordat we zaterdagochtend vertrekken, wandelen we nog even door het centrum van Ramsgate. Zo mooi als de kustlijn van Zuid-Engeland, bezien van af zee, is (groene heuvels, witte krijtrotsen, prachtige landhuizen, trotse vuurtorens), zo troosteloos doen de centra van de vele Engelse kustplaatsen aan. In Ramsgate wordt het winkelaanbod overheerst door 1 Pound-winkels, pandjesbazen en andere kredietverstrekkende instanties…. De mensen hier hebben het niet breed (veel werkloosheid), maar ze willen wel graag mee doen met de nieuwste (technische) gadgets … De pandjesbazen spinnen er goed garen bij.




Om 12.00 uur kiezen we het ruime sop en varen we aan de wind naar North Foreland, alwaar we “linksaf” moeten richting South Channel, Gore Channel, Margate Hook en Horse Channel. Bij de boei Columbine Spit buigen we nog wat meer linksaf en het is daar dat we tegemoet gevaren worden door Elyn & Nico in hun Priscilla. Het verschil kan niet groter: een witte polyester Outremer 45 en een gele houten Dellimore uit 1930. Gezamenlijk zeilen we halve wind/ruime wind The Swale op tot aan Harty Ferry alwaar we beiden een mooringboei oppakken. Tot dan verkeren Coos en ik in de veronderstelling dat we met de dinghy naar de kant gaan en met elkaar bij een Engelse pub vlees en friet gaan eten. Maar,  we blijken ons ongeveer in the middle of nowhere te bevinden. Wij hebben ons van te voren niet gerealiseerd dat de kreek links van ons binnen enkele uren ongeveer geheel droog valt. Wat dan voor minstens 6 uur resteert is vieze, dikke, stinkende modder.

Niet getreurd: aan boord van de SeaMotions porren we de kachel op en Elyn en Nico nemen Muier Schippersbitter mee. Coos flanst even later een smakelijke bami in elkaar en voor het weten is het hartstikke laat. En dat terwijl het zondag vroeg dag zal zijn voor ons allemaal. Rond 06.00 uur is het hoog water en uiterlijk 06.30 uur moet de Priscilla terug varen naar haar steigertje in de Oar Creek. Wij volgen even later in de bijboot. De kreek ligt vol met kleinere en grotere (zeil)bootjes, vooral veel authentieke houten scheepjes. Het is voor ons geweldig leuk om te zien waar Elyn & Nico al zoveel jaren hun “buitenhuis” hebben. We ontmoeten Alan, de man die hun antieke boot in originele staat gerestaureerd heeft en we begrijpen dat er door een iemand anders daags ervoor al “een grote catamaran” gespot was in Ramsgate. Het is een kleine gemeenschap aan de Oar Creek, men helpt elkaar en weet (bijna) alles van elkaar. Dus ook dat die grote catamaran waar Elyn & Nico een oceaan mee overgestoken zijn in de buurt is.

Na de koffie/thee zitten wij, voor 09.00 uur, wij weer in de dinghy terug naar de The Swale; anders staat er zelfs voor een ondiepe bijboot niet meer genoeg water in de kreek. De komende dagen browsen we wat in The Swale en in the Medway voordat we woensdag 1 uur na laag water –dus met het tij mee- naar Londen varen.

vrijdag 22 juli 2011

Je kunt weer "live" meevaren!

Nu we weer in Het Kanaal varen, kun je weer "live" meevaren.
Klik op deze link en druk op 'toon op kaart' (rechts op het scherm).

(dit werkt alleen als we onze navigatie-apparatuur aan hebben, dus tijdens het varen)


Hier een foto gemaakt door Peter van de "Gateway" en andersom hebben wij hun schip gefotografeerd.

Brighton, quick and dirty!

De eerste uren na het vertrek uit Poole kunnen we heerlijk zeilen, maar rond het middaguur is de wind op en moeten we de rest van de trip naar Brighton motoren. En dat alles onder een licht- tot donkergrijs wolkendek. Ik blijf de gehele trip binnen en verstop mezelf onder een dekentje met nieuwe (oude) tijdschriften van de Moonrise. Coos gooit de vislijn uit in de hoop een paar makreeltjes te vangen, maar ze willen niet bijten. Voor het avondeten dus geen gerookte makreel, maar een restje spaghetti van de dag ervoor.

Net voordat we de marina van Brighton binnen varen, horen we een bekende bootnaam over de marifoon, de Calibris Alba. Dat is een Engels zeilschip dat ongeveer tegelijk met ons Flores binnen kwam varen na de oversteek van Bermuda naar de Azoren. Welnu, de geschiedenis herhaalt zich, want inderdaad tuffen Inga en John tussen de breakwaters de haven in. Zij komen rechtstreeks uit Terceira (Azoren) en hebben –net als wij- een paar dagen behoorlijk ruig weer gehad met harde wind en hoge golven. We zijn blij te horen dat een aantal andere (Amerikaanse) boten van het Nlse radionetje Bermuda-Azoren dit ruige weer ook goed doorstaan heeft en in Ierland danwel Falmouth is aangekomen. Ook onze Deense vrienden op de –kleine- Vela zijn na vele ontberingen, waaronder platgeslagen en een man overboord, ook heelhuids aangekomen in Falmouth. Alle schaapjes op het droge, gelukkig.

In de regen lopen we naar de enorme supermarkt die Brighton Marina rijk is (van maandag tot en met zaterdag 24 uur per dag open!!). We halen wat vers brood en vers fruit. Rond 22.00 uur schuiven we in onze bedjes en vallen we al lezend in slaap.

Vrijdag begint voor mij met hardlopen. En op deze manier krijg ik iets meer mee van Brighton dan alleen de marina. Langs de boulevard wordt alles in gereedheid gebracht voor een nieuwe dag toerisme. Platte Fish&Chips-tenten worden afgewisseld met hippe koffietenten met daartussen allerlei vermaak voor kinderen variƫrend van speeltuintjes, trampolines tot aan mini-midgetgolf. En, het is zonnig!! Wat ziet de wereld er toch mooi uit als de zon schijnt.

Inmiddels zijn we onderweg …. 75 mijl naar Ramsgate. Dat komt stroomtechnisch voor de zaterdag, de bocht om naar The Swale, beter uit dan als we nu naar Dover zouden varen.

To be continued!

donderdag 21 juli 2011

Brownsea Island

Na een rustige nacht voor anker begint de dag met regen, regen, regen! En het kacheltje moet echt even aan om de kou uit de boot te verdrijven. Gelukkig blijft het niet regenen en kunnen we onze gekooide tijgers, Tico en Sil, samen met Bram en Gijs loslaten op het eiland. De hele trip hiernaartoe hebben deze mannen zich namelijk verheugd op het weer ter hand nemen van hun in de Azoren vervaardigde pijl en bogen. Brownsea Island is voor de gelegenheid dan ook omgedoopt tot Bogeneiland. We wandelen in een rustig tempo door het bos. 

De jongens zien we af en toe voorbij komen om ze daarna weer tussen de bomen te zien verdwijnen. Zijn zij op jacht naar de herten en eekhoorns of hebben ze hun zinnen gezet op de pauwen die het eiland rijk zijn? Eerstgenoemde dieren blijven voor ons verborgen, maar tegen de tijd dat we het ieniemienie dorpje bereiken (een kerk, een landhuis en een handjevol arbeidershuisjes) zien we volop pauwen.

In St.Mary’s Chapel, een heel oud, klein kerkje, horen we een stukje geschiedenis van het eiland en de link die het eiland heeft met Nederland. Een meneer van Raalte, zoon van een Nederlandse vader en Engelse moeder, heeft het eiland in de 19e eeuw voor zijn verjaardag kado gekregen. En na zijn overlijden (eind 1800) is er een stukje aan de kerk aangebouwd waar nu zijn graftombe staat. Een andere link met Nederland stamt uit de tijd van de 2e wereldoorlog toen veel Nederlanders vluchtten naar Engeland en terecht kwamen in een opvangkamp op dit eiland. Na de 2e wereldoorlog organiseerde de oprichter van de Scouting (Sir Baden Powell) het eerste jongenskamp op het eiland. Tot op heden zijn vele (internationale) scoutingkampen hier georganiseerd. In die tijd is het eiland ook tot natuurgebied uitgeroepen. En net als in veel andere natuurgebieden probeert men hier het originele dieren- en plantenleven te herstellen. En voor dit eiland betekent dat dat alle rododendorons met wortel en tak uitgeroeid moeten worden. Deze –in onze ogen- prachtig bloeiende struiken zijn in de tijd van de rijke Engelse adel in de schitterende kasteeltuinen geplant, zo ook op Brownsea Island. Maar blijkbaar plant de rododendoron zich voort als een konijn, want de Nature Trust is al 40 jaar met dit uitroeiingsproject bezig, zo vertelt een boswachter ons. De natuurlijke voortplanting van de naaldbomen komen in het gedrang en daarmee bijv. de voedselvoorziening van o.a. de eekhoorns. Deze week legt hij met een tiental jongeren (vrijwilligers) de hand aan de laatste struiken op het eiland. Voordat we, in de regen, weer terugwandelen naar de ankerplaats bezondigen we ons in de Tearoom aan zelfgebakken cake en pastries. Heerlijk!

’s Avonds gaan we met z’n allen eten bij een Indiaas restaurant in Poole; het eten is heerlijk, we zitten lekker en het is bovenal weer erg gezellig. Het is nu echt het laatste avondmaal “over de grens” met de Moonrisers. En we zullen elkaar in Nederland zeker weer opzoeken.

Vandaag, donderdag, gaan we om half 8 anker op en beginnen we aan onze opmars naar de volgende highlights: eerst treffen we zaterdag a.s. Elyn en Nico in The Swale, een zij-arm van de Theems. En, dat is de 2e highlight: we zijn op weg naar …. Londen! Eind juli hebben we voor 1 week een ligplaats gereserveerd in St. Katherine’s Dock, in het hartje van Londen!