woensdag 16 februari 2011
Retour au Martinique
zaterdag 12 februari 2011
Afscheid van Iles des Saintes! Retour au Martinique!
Onze laatste dag op Iles des Cabrits wandelen we naar de hoogste top. Onderweg krabbelen er grote en kleine heremietkreeftjes voor onze voeten weg. Boven op de top stuiten we op diverse muurtjes en bergen stenen, restanten van wat ooit Fort Josephine was. Inmiddels is dit het terrein van de geiten. Overal geitenkeutels en we struikelen zelfs bijna over een uitgedroogd skelet van een minder fortuinlijke geit. Ik schrik me vervolgens weer een hoedje als ik haast op een slang stap: gelukkig is het beest banger voor mij dan ik voor hem. Als ik later met Sil nog eens op slangenjacht ga, vinden we er nog eentje in de “brievenbus” van het fort. Fascinerend om te zien hoe zo’n dier voortbeweegt! Coos geniet ondertussen van het prachtige uitzicht op Bourg des Saintes en Pain de Sucre, onderwijl weerberichten ophalend via free wifi. Wat in de ankerbaai niet lukt, lukt gelukkig op de top van de berg wel.
Tico vermaakt zich die hele ochtend met een Frans vriendje: ze gaan weer even kijken bij de pottenbakker alwaar ze direct aan het werk gezet worden: er kunnen weer een paar kleimaskers versierd en geschilderd worden. Na dit stil zitten, is het tijd voor fysieke beweging; er worden serieuze zwaardgevechten (met stokken) gehouden op het strand. Tot ze worden afgeleid door een visser die met een grote manchette zijn vers gevangen kleine en grote roggen op het strand in stukken snijdt. Pfff, kijken hoe een tonijn gefileert wordt is een ding, maar als zo’n prachtig beest als een rog in mootjes wordt gehakt is het toch iets heel anders….
Na de lunch gaan we anker op en varen we terug, zuidwaarts, richting Prince Rupert Bay/Dominica. Net als bij ons eerste bezoek aldaar, worden we buiten de baai al tegemoet gevaren en welkom geheten door Mr. Macaroni. Helaas hebben we geen business voor hem. De volgende ochtend, bij het eerste ochtendgloren vertrekken we om in een keer de ruim
Rond 17.00 uur laten we ons anker vallen in de baai van Grand Anse en snorkelen we, via een ankercheck, naar het strandje. Onder water zien we weer een dier dat we nog niet eerder gezien hebben: enorme grote, geelkleurige zeesterren!!
Coos is “eigenaar” van een nieuw project geworden: besluitvorming of we wel/niet alsnog een windgenerator willen plaatsen. Stroomvoorziening op de boot, ons huis, blijft namelijk een aandachtspunt. Onze zonnepanelen genereren overdag prima stroom om de ijskast en andere stroomslurpers te voorzien van “juice”, maar ’s nachts wordt er wel een aanslag op de accu’s gepleegd. Het schijnsel van de maan is helaas onvoldoende voor de zonnepanelen om om te zetten in amperes, haha.
Inmiddels is wel helder welk merk windgenerator we zouden willen, als we ertoe zouden besluiten, maar daar zit ook direct het probleem. Het merk Spreco (type Silentwind) kan de vraag niet aan …. To be continued en tot die tijd draaien we maar dagelijks of om de dag de motor 2 uurtjes.
Sil is momenteel erg bezig met zijn spierballen. Hij vindt dat hij te dunne armen heeft en dus is hij in training gegaan. Elke dag peddelt Sil hiertoe een stuk in de kayak en elke avond helpt hij Coos bij het omhoog lieren van de bijboot. Daarna, voor het slapen gaan, worden nog een keer de spierballen opgebold om te zien of deze krachttraining al in de richting van een gewenst resultaat leidt.
Tico is met iets geheel anders bezig: het schrijven van een verhaal. In het kader van Taal doen we eens iets anders dan het werkboek Taal op Maat (welke we overigens helemaal doorgewerkt hebben) of het groene werkboekje Werkwoordspelling. Zijn verhaal heeft vooralsnog de werktitel “De wraak van het Rijk” en zal, als de schrijver zijn toestemming geeft, te zijner tijd op dit weblog gepubliceerd worden.
PS: de foto’s van Iles des Saintes staan online! Evenals foto’s van de Indian River Tour/Dominica; deze zijn toegevoegd aan het webalbum Dominica-febr2011!!
donderdag 10 februari 2011
Baguette, pain au chocola en een poterie!
dinsdag 8 februari 2011
Iles des Saints
Op zondagochtend staan we om 08.00 uur klaar voor Mr. Macaroni, de local die ons in zijn speed/roeiboot mee zal nemen de Indian River op. We scheuren op volle snelheid naar de riviermond en de ogen van Tico en Sil stralen (“we zitten in een speedboot!”). Daar moeten we eerst onder de brug schuilen voor een enorme hoosbui. Voor de zekerheid trekken we toch maar onze LEGO-land regenponcho’s aan… Na een minuut of 5 is het droog en haalt Alexander Macaroni zijn roeispanen tevoorschijn en peddelt hij “easy does it” stroomopwaarts. Onderweg vertelt hij over de bloodwoods, de mangrovebomen met hun waaierachtige wortels die, als je ze opensnijdt, rood “bloed” bloeden. Op de oevers zien we overal landkrabben, groot en klein, scharrelen. We leren over de termieten die zelfs in de dunne stengels van een jongen bananenboom hun grote, eivormige termietennest kunnen bouwen.
Wist je dat termieten blind zijn en daarom zo’n zwart spoor op de bast van een boom achterlaten? Dan kunnen ze de weg terug weer vinden.
Wist je dat wanneer je zelf de weg kwijt raakt in het regenwoud en je belaagt wordt door muskieten je een termietennest moet opzoeken? Dan breek je daar een stuk van af, je versnippert de nestbrokken en smeert jezelf daarmee in. Daarna stink je zo ontzettend, dat geen muskiet je meer lastig valt.
Wist je dat de scènes rondom de heks Tia Dalma in de film Pirates of the Caribbean II in deze rivier zijn gefilmd? Er staan geen filmrekwisieten meer, maar Tico herkent de plek van haar hut direct.
Na een uurtje peddelen, komen we aan bij een soort van bar waar je overheerlijke verse fruitpunch kunt drinken …. behalve op zondag. De uitspanning ziet er wel eco-verantwoord uit: regenwater wordt in lege verfemmers opgevangen, de krukjes zijn gemaakt van boomstammetjes, de gehele plek is ontdaan van elke vorm van luxe of comfort.
Het stroomafwaarts peddelen bijna als vanzelf en net voordat een volgende regenbui losbarst, zijn wij weer onder de brug.
In de ankerplaats hebben we achterburen gekregen: de clipper Stad Amsterdam ligt achter ons voor anker en wij gaan er even heen met de bijboot om de kapitein de groeten van mijn zus over te brengen. We worden gastvrij aan boord uitgenodigd door de bemanning (deze zijn even een paar uur vrij omdat de gasten op het land een toer aan het doen zijn …. met Seacat) en de kinderen worden direct enthousiast rondgeleid over dit prachtige zeilschip. We maken kennis met de kapitein (Richard Slootweg) en wisselen Atlantische zeilavonturen uit.
Rond het middaguur is het voor ons tijd om anker op te gaan en
De ankerbaai voor het stadje Bourg des Saintes is nog hetzelfde als 9 jaar geleden: lastige ankergrond (hard, koraalachtig zand), harde, vlagerige winden en een nare golfslag die om de hoek komt rollen.
Vandaag, maandag, ontbijten we weer met verse baguette en gaan dan direct aan de slag met school. ’s Middags houden we een relaxte siësta en gaan de mannen nog even snorkelen, voordat we nog even een wandelingetje door het stadje gaan maken. To be continued!
zaterdag 5 februari 2011
Foto's Martinique en Dominica staan online!
We liggen inmiddels voor anker in Prince Rupert Bay/Dominica en gaan morgenochtend vroeg met Mr. Macaroni op rivier-expeditie.
To be continued!!
Verpletterend Dominica, natuurschoon in de overtreffende trap!
De nacht voor anker in de baai van St. Pierre/Martinique is een onrustige. De wind wordt als een kanonskogel van de vulkaan afgeschoten, maakt in de baai nog een pirouette en dendert dan over het dek. Alle boten draaien voortdurend alle kanten op. Rond middernacht heeft Coos het idee dat het anker licht aan het krabben is, maar door het draaien van de boot is het moeilijk te zien. Dus maar weer verder gaan slapen. Rond 04.00 uur maakt onze achterbuurman ons wakker: we liggen bijna (= net niet) tegen zijn voorkant aan. Coos’ gevoel eerder die nacht is dus juist geweest…. Dus anker op en elders een nieuw plekje zoeken. Met een half uur is de klus geklaard en kunnen we weer verder slapen.
De volgende ochtend, om 09.00 uur, is het Office du Tourisme open en is Coos de eerste voor het uitklaren. Om 09.30 uur varen we de baai uit en varen we richting Dominica. Tegen de tijd dat we bij de Noordpunt van Martinique zijn, giert de wind weer door de verstaging en schieten we door en over de golven. En soms golft de golf over de boot. Na zo’n
De mooring waar wij aan liggen, is van Seacat, een local die eigenlijk Octavius heet: van octopus, de poes van de zee. Seacat is ook degene die ons de volgende dag meeneemt op toer. We beginnen met een bezoek aan Customs in Roseau om in te klaren (en tegelijk uit te klaren als je niet langer dan 72 uur op het eiland blijft). De crewlist in 3-voud als ook de komst van een ferry helpen het bespoedigen van de procedure: Coos is binnen 15 minuten klaar. Roseau is een kleurrijk creools stadje met smalle straatjes en karakteristieke huisjes.
Met zijn taxibusje met bloementjesbekleding rijdt Seacat ons vervolgens naar het hoogste punt van het eiland dat met een auto te bereiken is, zo’n
Na zo’n 3 kwartier lopen, komen we uit bij Boeri Lake. Aanvankelijk is het meer nauwelijks te zien, omdat er een dikke wolk boven hangt. Maar als het even opklaart, krijgen we toch een mooie indruk van de verpletterende natuur om ons heen. Coos duikt dapper in het koude water, zo’n 17 graden, en ervaart een sauna-gevoel: eerst heel warm van het wandelen, dan afkoelen in het frisse water en dan weer genieten van de warmte. Terug zijn we net op tijd weer in de bus, voordat een volgende regenbui losbarst. Net als op St. Vincent zijn deze meren het tappunt voor een kilometerslange, dikke, houten pijp die leidt naar een electriciteitscentrale: water ter opwekking van energie.
Seacat slingert de bus behendig over de betonnen weg waar het beton af en toe ontbreekt. De volgende bezienswaardigheid is Titou Gorge, alwaar we de enige toeristen zijn. Met grote overtuiging stuurt Seacat ons het enkeldiepe bassin in vanwaar we zwemmend door een smalle kloof bij een waterval uit zullen komen. Het water is vrij fris, maar onder aanmoediging van Seacat storten we ons in dit avontuur. Alle vier vinden we het enorm spannend om naar een onbekend, donker einddoel te zwemmen. Na wat bochten komen we op een stukje waar we weer kunnen staan en zien we de waterval even verderop. Tico en ik proberen tot aan de waterval te zwemmen en halen het op
Inmiddels zijn we behoorlijk vol van alle overweldigende indrukken en vermoeid van alle inspanningen, maar de Travalgar Falls staan ook nog op het programma. Daar aangekomen lopen we via een eenvoudig begaanbaar wandelpad/trap tot aan het panorama-plateau. Het uitzicht vanaf hier zou zo passen in de film Avatar: zo mooi, groen, spectaculair, ongerept, woest! Natuur in de overtreffende trap. Trafalgar Falls betreffen 2 watervallen: links is warm water en rechts koud water. Dat kun je natuurlijk niet zien, maar als je nog even verder naar beneden klautert, wordt het je gewaar: achter de ene rots vind je grote en kleine natuurlijke bassins met heerlijk warm en soms bijna heet water. En dit wordt door grote en kleine rotsen gescheiden van de koud waterstroom. We kunnen uren poedelen in afwisselend warm en koud water en voor Tico en Sil is het een waar klimwalhalla. Enorme bakken met regen gooien na een uurtje roet in het eten en druipnat arriveren we bij Seacat’s bus.
Het is dan inmiddels 16.00 uur en we rijden we terug naar de boot. Onderweg plukt Seacat sterfruit, guave en grapefruits voor ons. Hij snijdt wat van de bast van een boom en dat blijkt verse kaneel. Hij plukt een paar roodkleurige bessen waarin een boon zit: de koffieboon. Hij trekt een pluk gras uit de kant van de weg wat geen gewoon gras is maar citroengras. En dat alles groeit hier gewoon in het wild!
We hebben vandaag zoveel moois gezien en er is nog zoveel meer moois te zien op dit zuidelijk deel van het eiland (o.a. sulphur springs, valley of desolation, boiling lake, aerial tram), maar wij reizen morgen weer verder. We gaan dan
PS: de foto’s volgen zo snel als de internetverbinding dit toelaat!
woensdag 2 februari 2011
Meer Martinique!
Op dinsdag gaan we met de huurauto richting Fort de France en voor het eerst sinds maanden ervaren we weer “file-rijden”. Niks aan. Onderweg passeren we Hyper U, Carrefour, Champion, Mr. Ed en meer van dat soort enorme complexen op Centre Commercials. Weer gaat “het is net Frankrijk” helemaal op. Voordat we ons in het winkelgeweld storten, gaan we even de hoofdstad Fort de France “doen”. We slalommen ons een weg door de kleine straatjes van het centrum op weg naar het stadsstrand annex ankerbaai. Overal zien we kleine winkels van sinkels en waar we op de overige eiland als blanken in de minderheid waren, is de verhouding zwart/blank hier misschien wel 50/50 zijn. Na weken van relatieve rust op het water of in picture perfect ankerbaaien, vinden we zo’n “grote stad” vooral erg druk. Ditzelfde ervaren we even later in de hypermarchee, de Carrefour… zoveel mensen …… Enfin, het mag voor mij de pret niet drukken. Ik kijk mijn ogen uit naar alle blikken, potten, pakken, pasta’s en we laden toch 1,5 winkelwagen vol met etenswaren. Daar kunnen we weer heel lang mee toe.
Terug in Le Marin laden we alles uit. Coos gaat wat klussen doen op de boot. En Tico en ik doen nog een paar laatste boodschappen bij de Mr. Ed (voor de blikjes echte Coca Cola en afbakbrood) en de Leader Price (pannenkoekenmix). Onderweg halen we ook nog de schone was op bij een verder overigens volstrekt chaotische wasserette. En dan komt de volgende uitdaging: al die boodschappen opruimen …. Welnu, als dat ook weer gelukt is, gaan Coos en ik naar de Mango Bar om te kunnen internetten en vermaken de jongens zich aan boord met hun nieuwste DS-spel: Strijd der Giganten, Dinosaurus. In de bar schuiven we aan bij allerhande zeilers die met laptop, notebook of smartphone aan lange tafels zitten. Een aantal zit met koptelefoon op om ongestoord te kunnen skypen. Na onze internetbeslommeringen drinken we nog wat met Erik en Margreet van de Liberty en gaan dan snel terug naar de boot want de jongens (en wijzelf ook) hebben inmiddels wel hebben gekregen.
Woensdagochtend (2/2) gooien we om 10.00 uur de trossen los en glijden we met een windje in de rug over glad water de grote baai uit. Heerlijk om weer “vrij” te zijn. Al varende doen we school en halverwege de tocht naar St. Pierre komen we de Nederlandse clipper “Stad Amsterdam” tegen (mooie foto’s kunnen maken). Aan het eind van de middag liggen we voor anker in St. Pierre. We koelen eerst even af in het water alwaar ik mijn zwemrondjes rond de boot doe. Mijn hardloopconditie is inmiddels geheel down the drain en middels dit trimzwemmen probeer ik mijn lijf nog een beetje in shape te houden. Daarna gaan we naar het stadje voor een kleine wandeling.
St. Pierre ligt aan de voet van de vulkaan Mount Pelee. Dit stadje was rond 1900 met zo’n 30.000 inwoners de hoofdstad van Martinique en werd met haar rijke culturele, zakelijke en sociale reputatie ook wel het Parijs van de Carieb genoemd. Het verhaal gaat dat net voordat de laatste oorspronkelijke bewoners (de Carib) door de Europese overheersers werden weggevaagd (rond 1658), door hen een vloek werd uitgesproken door de vulkaan op te roepen om wraak te nemen op deze genocide. Welnu, 2 eeuwen later, op 8 mei 1902, neemt Mount Pelee zijn verantwoordelijk daarvoor en spuugt zijn kokende lava uit over de stad. Hoewel er de gehele maand april al voortekenen waren voor een uitbarsting, durfde de gouverneur (onder druk van de grootste en rijkste plantages rondom St. Pierre) de stad niet te evacueren. Welnu, van de 30.000 inwoners overleven slechts 2 mensen dit drama: een meneer die toevallig net in zijn kelder onder zijn huis zit en de andere meneer, een moordenaar, die opgesloten zit in dikbemuurde gevangeniscel. In het stadje schijnen nog restanten zichtbaar te zijn en er is een museum ingericht dat verteld over deze geschiedenis. Helaas gaan wij dat allemaal niet met eigen ogen bekijken. We zijn hier nl. slechts voor 1 nacht, want morgen varen we door naar het eiland Dominica. Maar morgenochtend gaat Coos eerst nog uitklaren. Voor de zeilers LET OP: in tegenstelling tot wat de pilot zegt over in- en uitklaren via een zgn. customscomputer bij Brasserie L’Escapade, moet je hier tegenwoordig voor naar het Office du Tourisme!
Tot zover onze belevenissen op Martinique!



























































